BG 341 – Waarom?

Peuters en kleuters blijven je soms maar de oren van je hoofd vragen. De hele dag door vragen ze je aandacht met ‘Waarom…?’
‘Waarom is er zoveel lawaai?’
‘Er komt een grote auto aan.’
‘Waarom is die groot?’
‘Het is een vuilniswagen.’
‘Waarom heet hij vuilniswagen?’
‘Omdat hij ons vuilnis komt ophalen.’
‘Waarom haalt hij ons vuilnis op?’
‘Omdat we niet kunnen wonen tussen allemaal vuilnis.’
‘Waarom haalt hij dat dan op?’
‘Om het weg te brengen.’
‘Waarom weg brengen?’
‘Naar de vuilnisbelt.’
‘Waarom naar de vuilnisbelt?’
‘Omdat dat is waar ze onze vuilnis heen brengen.’
’Wat is een vuilnisbelt?’ (Slimmer kind, met een variatie op waarom!)
‘Een groot stuk land met grote bulten stinkend vuilnis erop.’
‘Waarom stinkend?’
‘Omdat vuilnis nu eenmaal stinkt.’
‘Waarom?’
‘Omdat het oude troep is, die verrot.’
’Waarom?’
‘Hou nu verdorie toch eindelijk eens op met dat waarom!’
’Waarom?’
Enfin, je herkent het vast wel…
Nu, als je je er weer eens mateloos aan ergert, bedenk dan dat wat het kind doet heel nuttig is voor haar toekomst. Wij volwassenen zijn immers ook voortdurend geïnteresseerd in de redenen waarom iemand doet wat zij doet, en waarom we zelf doen wat we doen. In gesprekken vragen we vaak naar redenen en online zoeken we naar redenen. We willen redenen, we willen oorzaken en verbanden, om orde te scheppen in de chaos van het leven en om er houvast in te vinden.
En die kleine hummeltjes? Die zijn dat alvast aan het oefenen!