BG 69 – Overleg

Beng! De deur klapte onbedoeld hard achter hen dicht toen hij hem losliet. Vanuit de harde wind was ze onder zijn arm door bukkend naar binnen gestapt en voor ze ook maar de kans kreeg het zelf te doen, hielp hij haar uit haar jas en hing die samen met de zijne aan de kapstok. Met een beschermende hand tegen haar onderrug – zijn hand voelde verrassend warm aan door de dunne stof van haar T-shirt – voerde hij haar naar binnen. Ze besloot om de deur voor hém open te houden straks als ze vertrokken.

Een vriendelijke medewerker begeleide hen naar een tafeltje voor twee in een rustige hoek achter in de bistro, waar ze een goed overzicht hadden, maar ook de nodige privacy. Ze waren net op tijd binnen: inmiddels kletterde er regen tegen het dichtstbijzijnde raam. Zij schoot in de lach toen ze tegelijk met beide handen door hun verwaaide haar streken.

Als vanzelfsprekend schoven ze twee stoelen dicht bij elkaar en gingen zitten. Hij wenkte de ober en bestelde voor hen elk een kop thee. Toen die gebracht werd, maakte zij met een subtiel gebaar duidelijk dat de rekening straks voor haar was. Haar metgezel haalde daar een wenkbrauw over op, hij was het waarschijnlijk niet gewend. Op een luchtige toon babbelden ze wat over zaken die die ochtend in het nieuws waren geweest. Terwijl zij praatte, legde hij onopvallend het koekje dat hij bij zijn thee gekregen had op haar schoteltje, maar toen ze glimlachend haar hoofd schudde, stak hij blozend beide koekjes in zijn eigen mond.

Toen de thee op was, zij een koud drankje voor hen besteld had en de documenten uit haar tas op tafel had uitgespreid, schoven ze hun stoelen nog wat dichter naar elkaar toe, totdat hun schouders elkaar raakten. In de afgelopen week hadden ze het onderwerp al via e-mail en tekstberichten voorbereid, dus hun bespreking verliep voorspoedig en ze kwamen vrij snel tot een plan van aanpak. Hij liet de uitwerking ervan aan haar over, zei hij, en beloofde haar in alles te zullen steunen. Nadat ze de papieren had opgeborgen, leunde hij opnieuw vertrouwelijk tegen haar aan terwijl hij haar op zijn telefoon trots foto’s van zijn opgroeiende kinderen liet zien.

Hij bloosde toen zijn chauffeur vanonder een zwarte paraplu discreet aan het raam tikte. Tot hun verbazing waren er al anderhalf uur voorbij. Hij moest gaan. Zijn drukke agenda riep hem. Er moesten nieuwe mensen ontmoet, nieuwe plaatsen bezocht, nieuwe overeenkomsten gesloten en nieuwe lintjes doorgeknipt. Ze namen moeizaam afscheid, hartelijk. Ze kreeg eerst een stevige handdruk, daarna een aarzelende zoen op haar wang, gevolgd door een hartverwarmende omhelzing.
Ga maar, zei ze, en hij ging.

Toen ze thuiskwam wachtte haar al een e-mail, waarin hij vertelde hoe fijn hij hun ontmoeting had gevonden en waarin hij haar de hartelijke groeten deed van Máxima.