Alle BG’s

BG 232 – Altijd met mij mee (Liedtekst) (Song Lyrics)

jij bent…
altijd met mij mee
altijd met mij mee

altijd in mijn hoofd, of nee
dieper… in mijn hart

waar ik ook naartoe ga
we zijn altijd met z’n twee

je hoofd gaat in de auto
maar je lijf kan weer niet mee

jij bent…
altijd met mij mee
altijd met mij mee

ze denken dat je lui bent
maar begrijpen het niet, nee

je wilt wel maar je kunt niet
want je lijf dat kan niet mee

de pijn, de last, het moe zijn
je bent meer dan een dossier

jij bent…
altijd met mij mee
altijd met mij mee

‘k ben weer maar één lichaam
voor het welkomstcomité

samen naar het feestje
naar de film, naar het diner

ook al zien ze enkel mij
jij bent áltijd mee

jij bent…
altijd met mij mee
altijd met mij mee

en jij geniet met mij
kijk, die mooie bloemenzee

oeps, dat ging maar net goed
kijk toch uit zeg, jeminee

lief, ik ben er bijna
thuis bij jou, dan zet ik thee

jij bent…
altijd met mij mee
altijd met mij mee

dan ga ik voor je koken
heb een lekker vers idee

en dan sta ik weer versteld
van wat je ondanks alles dee

ik heb je zo verdomde lief
je bent helemaal oké

jij bent…
altijd met mij mee
altijd met mij mee

en morgen weer die auto in
alleen, maar jij bent mee

jij bent…
altijd met mij mee
altijd met mij mee

BG 231 – Uitvindingen

Tot nu toe hebben de meeste grote uitvindingen van de mensheid als doel om zoveel mogelijke andere mensen vanaf veilige afstand te doden. Laten we daar verandering in brengen en voortaan uitvindingen doen om de klimaatramp een halt toe te roepen en onze planeet de kans te geven zich te herstellen. Daar mag wat mij betreft ook best een uitvinding tussen zitten die ervoor zorgt dat er minder mensen geboren worden, in plaats van dat er meer gedood worden.

BG 231 – Inventions

Until now, most of humanity’s great inventions have aimed to kill as many other people as possible from a safe distance. Let’s change that and henceforward come up with inventions to stop the climate catastrophe and give our planet a chance to recover. As far as I’m concerned, that may include an invention that ensures that fewer people are born, instead of more being killed.

BG 229 – Inspiratie

Als schrijver (en ook als kunstenaar, ontwerper en maker) krijg je vaak de vraag:
‘Waar haal jij je inspiratie vandaan?’ of ‘Waar haal jij je ideeën vandaan?’
Alsof er ergens een obscure website, een verborgen strandje, of een onopvallend supermarktje is waar je inspiratie en ideeën kunt gaan ‘halen’.

Aanvankelijk verbaasde ik me over zulke vragen.
Hoezo, waar haal ik mijn inspiratie vandaan? Die IS er gewoon en is er altijd al geweest. Is dat bij andere mensen niet zo, dan? Zo lang als ik me kan herinneren is mijn (on)bewustzijn al gevuld met allerlei creatieve ideeën die erom vragen ooit een keer uitgewerkt te worden, tot bijvoorbeeld een kort verhaal, een essay, of een gedicht. Ik hoef mijn inspiratie niet ergens te gaan ‘halen’.

Ik denk dat schrijvers vooral opmerkzame mensen zijn, die veel lezen en die in veel dingen geïnteresseerd zijn. Die hun zintuigen goed gebruiken en veel van de wereld om zich heen in zich opnemen. Die de humor zien of bijvoorbeeld de verwondering in kleine gebeurtenissen, waar andere mensen amper aandacht aan besteden. Die bewust leven en die van taal houden. En omdat ik niet zo’n goed geheugen heb, maak ik regelmatig even een aantekening over iets waarvan ik denk dat ik er ooit over wil schrijven. Of ik kom een webpagina tegen over een onderwerp waar ik ‘ooit iets mee wil doen’ en …

Read More »BG 229 – Inspiratie

BG 229 – Inspiration

As a writer (and also as an artist, designer and maker) you are often asked:
‘Where do you get your inspiration from?’ or ‘Where do you get your ideas from?’
As if there is some obscure website, a hidden beach, or an inconspicuous supermarket where you can ‘get’ inspiration and ideas.

At first, I was puzzled by such questions.
What do you mean, where do I get my inspiration from? It just IS there and has always been there. Isn’t that the case with other people, then? For as long as I can remember, my (un)consciousness has been filled with all kinds of creative ideas that demand to be worked out at some point, for example into a short story, an essay, or a poem. I don’t have to ‘get’ my inspiration somewhere.

I think writers are mostly perceptive people, who read a lot and who are interested in a lot of things. Who use their senses well and take in a lot of the world around them. Who see the humor or, for example, the wonder in small events that other people barely pay attention to. Who live consciously and who love language. And because I don’t have a very good memory, I regularly make a note about something I think I might want to write about one day. Or I come across a web page about a topic that I ‘want to do something with someday’ and …

Read More »BG 229 – Inspiration

BG 228 – Kat 2 / Cat 2

Black and white cat, drawn/painted (2 of 3) with ink and watercolor paint.

Ik heb deze kat jaren geleden getekend/geschilderd met inkt en aquarelverf.
Het is de tweede in een serie van drie.

I have drawn/painted this cat years ago with ink and watercolor paint.
It is the second in a series of three.

BG 227 – Willekeurige Vragen

Mag ik je iets vragen? Hoeveel talen spreek je? Vloeiend? Heb je ooit iets van hout gemaakt? En van klei? Ben je goed in wiskunde? Wat is jouw favoriete seizoen? Heb je veel vrienden? Heb je dorst? Wandel je graag in de natuur?

BG 227 – Random Questions

May I ask you something? How many languages do you speak? Fluently? Have you ever made anything out of wood? And out of clay? Are you good at maths? What is your favorite season? Do you have many friends? Are you thirsty? Do you like walking in nature?

BG 226 – Sing it out loud (Song Lyrics)

the wind brought clouds of whisper
that made you feel confused
and raindrops made the dust
settle on your hectic world

you don’t know what to think of it
and don’t know what to do

if you hardly know
what it is about
put it into words
and sing it out loud

the world felt like a dire place
and you could hardly cope
but now you’ve found the sparkle
found that little flame of hope

and you’re willing to engage
in building brighter days

when you’ve left behind
that pressing dark cloud
put it into words
and sing it out loud

the people seemed against you
but it was just the way you thought

Read More »BG 226 – Sing it out loud (Song Lyrics)

BG 225 – Applaus voor jezelf

Er valt me de laatste tijd iets bijzonders op als ik kijk naar bijvoorbeeld een kwis op tv.
Zodra iemand een ronde van de kwis, of heel de kwis, gewonnen heeft, en de andere aanwezigen voor haar of hem klappen, klapt de persoon in kwestie gewoon mee.
Blijkbaar werkt dat klappen aanstekelijk en doet de winnaar automatisch mee, in plaats van met een dankbaar knikje of glimlach de lof in ontvangst te nemen.
Waarom toch dat applaudisseren voor jezelf?
Hebben ze er dan geen idee van dat het applaus voor hén bedoeld is, en volgen ze gewoon gedachteloos de rest, als een kuddedier?
Of kiezen ze er bewust voor om voor zichzelf te klappen?
Ben ik de enige die dat een beetje vreemd vindt?

BG 225 – Clap for yourself

Lately, I’ve noticed something special when I’m watching, for example, a quiz on TV.
As soon as someone has won a round of the quiz, or the whole quiz, and the other attendees clap for her or him, the person in question simply claps along.
Apparently, that clapping is contagious and the winner automatically participates, instead of receiving the praise with a grateful nod or smile.
Why applaud yourself?
Do they have no idea that the applause is meant for them, and just mindlessly follow the rest, like a herd animal?
Or do they consciously choose to clap for themselves?
Am I the only one who thinks that’s a little strange?

BG 224 – Kat 1 / Cat 1

Black and white cat, drawn/painted (1 of 3) with ink and watercolor paint.

Ik heb deze kat jaren geleden getekend/geschilderd met inkt en aquarelverf.
Het is de eerste in een serie van drie.

I have drawn/painted this cat years ago with ink and watercolor paint.
It is the first in a series of three.

BG 223 – Virtuele Realiteit

Virtuele realiteit, nu vrijwel exclusief gelinkt aan computers, door de razendsnel voortschrijdende automatisering, is in werkelijkheid zo oud als de mensheid. Virtueel betekent fictief, imaginair, ingebeeld – en daar heb je eigenlijk helemaal geen computer voor nodig. Toen we vuur hadden leren maken en onze verre voorouders elkaar voor het slapengaan verhalen vertelden over hun eigen belevenissen en dromen en die van hun voorouders, maakten zowel de vertellers als hun toehoorders gebruik van hun verbeelding, om voor zich te zien en zich in te leven in dat wat er met woorden overgebracht werd. In rituelen werden gezamenlijke gevoelens en onderlinge verbondenheid gevierd en verstevigd.

Vandaag de dag gebruiken we onze verbeelding vooral tijdens het lezen van boeken en verhalen. Terwijl we de gedrukte tekst tot ons nemen, creëren we daar in onze gedachten beelden, geuren, geluiden en andere sensaties bij. Recent is uit onderzoek gebleken dat de hersendelen die op een scan normaal oplichten bij bijvoorbeeld rennen, roepen, lachen, vriendschap en seksualiteit, ook oplichten als we daar enkel over lezen. Blijkbaar zijn we dus in staat om in onze verbeelding de dingen bijna echt te beleven. Jammer genoeg geldt dat voor steeds minder mensen.

Door de zich bliksemsnel ontwikkelende automatisering leven we tegenwoordig met ons lichaam nog in de natuurlijke wereld, maar met ons hoofd een groot deel van de tijd in de virtuele computerwereld. Onze telefoons en andere beeldschermen bieden ons een overvloed aan kant en klare, korte, snelle en verslavende prikkels, waardoor we ons niet meer voor langere tijd op iets kunnen concentreren. Natuurlijk is die nieuwe wereld heel aantrekkelijk, maar het is jammer dat we daardoor amper nog lezen. Want door boeken en verhalen te lezen en dus door onze verbeelding te gebruiken, leren we waardevolle vaardigheden die we nodig hebben in ons leven. Zoals: empathie, relativeren, niet-virtueel communiceren, opkomen voor onszelf, zorg voor onze leefomgeving, zelfzorg, tevredenheid, alleen kunnen zijn, creativiteit, kritisch denken, problemen oplossen en weerbaarheid.

BG 223 – Virtual Reality

Virtual reality, now almost exclusively linked to computers, due to rapidly advancing automation, is in reality as old as mankind. Virtual means fictional, imaginary, imagined – and you don’t really need a computer for that. When we had learned how to make fire and our distant ancestors told each other stories at bedtime about their own experiences and dreams and those of their ancestors, both the storytellers and their listeners used their imaginations to see before them and to empathize with what was conveyed with words. In rituals, shared feelings and interconnectedness were celebrated and strengthened.

Today, we mainly use our imagination while reading books and stories. As we take in the printed text, we create images, smells, sounds and other sensations in our minds. Recently, research has shown that the parts of the brain that normally light up on a scan with running, shouting, laughing, friendship and sexuality, for example, also light up when we only read about them. Apparently, we are able to experience things almost in real life in our imagination. Unfortunately, this is the case for fewer and fewer people.

Due to the lightning-fast development of automation, we still live with our bodies in the natural world, but with our heads a large part of the time in the virtual computer world. Our phones and other screens provide us with an abundance of ready-made, short, fast, and addictive stimuli, preventing us from concentrating on anything for long periods of time. Of course, this new world is very attractive, but it is a pity that we hardly read anymore. Because by reading books and stories and therefore by using our imagination, we learn valuable skills that we need in our lives. Such as: empathy, putting things into perspective, non-virtual communication, standing up for ourselves, care for our living environment, self-care, satisfaction, being able to be alone, creativity, critical thinking, problem solving and resilience.

BG 222 – Op het strand

Het primitieve bankje in de felle zon op het strand, gemaakt van een ruwe plank op twee ingegraven palen, is niet echt geschikt om prettig op te zitten. Maar het is dát of met zijn zware lichaam rechtstreeks op het gloeiendhete zand neerploffen. Hij heeft geprobeerd zich in de schaduw terug te trekken, op de grond met zijn rug tegen een van de palmbomen, maar al snel ontdekt dat daar allemaal vervelende kriebelende en stekende beestjes leven. Zijn korte broek en T-shirt zijn bezweet en gekreukt, er zit constant zand tussen zijn opgezwollen voeten en de zolen van zijn leren sandalen, zijn bleke huid is roodverbrand, hij heeft last van jeukende insectenbeten, en zijn rug doet pijn. Hadden ze het bankje niet op z’n minst van een rugleuning kunnen voorzien? Puffend trekt hij de vuile zakdoek met in iedere hoek een knoop van zijn kalende hoofd en wrijft er maar weer eens het zweet mee van zijn gezicht.

Ze hebben hem een soort van hutje toegewezen voor de nacht. Meer een platformpje eigenlijk. Het staat op palen, is gemaakt van ruwe boomstammetjes en heeft een schuin dak van grote gedroogde bladeren. Een oude, vieze doek op een laagje kriebelige kokosvezels dient als matras, maar hij kan er niet comfortabel op liggen. In het midden onder het afdak is een klamboe bevestigd, waarvan hij de hoeken aan haken in het hout kan vastmaken. Maar het gaas sluit niet goed en weerhoudt de vreemde insecten die hier vooral ’s nachts actief zijn er niet van om te drinken van zijn zweet en soms ook van zijn bloed. Een ondiepe kuil in het zand, zo’n tien meter achter zijn hutje, met daarnaast een paal om zich aan vast te houden, doet dienst als toilet. Ondanks dat hij het na gebruik afdekt met een laagje zand, dringt de geur ’s nachts tot zijn slaapplaats door.

En overdag zit hij dus op het bankje, in de brandende zon, met zijn ogen half dichtgeknepen te turen over het water in de hoop dat er binnenkort een schip zal verschijnen. …

Read More »BG 222 – Op het strand

BG 222 – On the beach

The primitive bench in the bright sunshine on the beach, made of a rough plank on two buried poles, is not really suitable for sitting comfortably. But it’s either that or plop down directly on the red-hot sand with his heavy body. He tried to retreat into the shade, on the ground with his back against one of the palm trees, but soon discovered that all kinds of annoying itching and stinging creatures live there. His shorts and T-shirt are sweaty and wrinkled, there is constant sand between his swollen feet and the soles of his leather sandals, his pale skin is burned red, he suffers from itchy insect bites, and his back aches. Couldn’t they have at least provided the bench with a backrest? Puffing, he pulls the dirty handkerchief with a knot in each corner from his balding head and once again rubs the sweat from his face.

They assigned him some kind of hut for the night. More of a platform actually. It stands on poles, is made of rough tree trunks and has a sloping roof made of large dried leaves. An old, dirty cloth on a layer of scratchy coconut fibers serves as a mattress, but he cannot lie comfortably on it. A mosquito net is attached in the middle under the canopy, the corners of which he can attach to hooks in the wood. But the mesh does not close properly and does not stop the strange insects that are mainly active here at night from drinking his sweat and sometimes also his blood. A shallow hole in the sand, about ten meters behind his hut, with a pole next to it to hold on to, serves as a toilet. Even though he covers it with a layer of sand after use, the smell penetrates his sleeping place at night.

And during the day he sits on the bench, in the blazing sun, with his eyes half closed, peering out over the water in the hope that a ship will appear soon. …

Read More »BG 222 – On the beach

BG 221 – Een thriller in 33 woorden

Ze was alle gevoel voor tijd kwijtgeraakt. De schaarse geluiden waren dagen geleden al verstomd. Er kwam niemand meer. Er klonken geen schrapende voetstappen of rinkelende sleutelbos meer buiten haar krappe, donkere cel.

BG 221 – A thriller in 33 words

She had lost all sense of time. The sparse sounds had died down days ago. No one came anymore. There were no more scraping footsteps or jingling keys outside her cramped, dark cell.

BG 219 – Zinvol

Hij had haar gevraagd of ze na afloop van de groepstherapiesessie nog even tijd had voor een een-op-eengesprek met hem in zijn kantoortje en ze had gedacht ‘druk, druk, druk’ en gezegd ‘natuurlijk, geen probleem, ik kan wel een bus later naar huis nemen’, en daar zaten ze nu dus; hij had voor hen elk een kopje thee gehaald en een koekje, en hij vroeg haar wat ze van de sessie gevonden had en zij zei dat ze het goed had gevonden en dat er een aantal deelnemers veel baat bij gehad hadden, met name A en F, en dat zij zelf er ook wel wat van opgestoken had, en hij adviseerde haar om zich voortaan meer te focussen op haar eigen problemen, waarop zij, nadat ze een hap van haar koekje had weggekauwd, verbaasd vroeg wat hij daarmee bedoelde, en hij haar uitlegde dat hij de indruk had dat ze telkens van minstens drie mensen tegelijk in de gaten had gehad wat er in hen omging, hoe ze in hun vel zaten, wat ze zeiden, fluisterend of luidop, en zelfs wat ze nog niet zeiden, maar waarschijnlijk wel graag hadden willen zeggen, waarop ze bevestigde dat dat zo was, dat ze inderdaad alles om haar heen meekreeg, zonder daar bewust voor te kiezen: wat er in de hoofden van de anderen omging bijvoorbeeld en wat voor emoties ze voelden, al dan niet onderdrukt, waarna ze een slok van haar thee nam, en …

Read More »BG 219 – Zinvol

BG 219 – Sentence

He had asked her if she had time for a one-on-one conversation with him in his office after the group therapy session and she had thought ‘busy, busy, busy’ and said ‘of course, no problem, I can take a later bus home’, and so there they were now; he got them each a cup of tea and a biscuit, and he asked her what she thought about the session and she said she thought it had been a good one and that a number of participants had benefited a lot from it, especially A and F, and that she had also learned something from it, and he advised her to focus more on her own problems from now on, to which, after she had chewed a bite of her cookie, she asked in surprise what he meant by that, and he explained to her that he had the impression that she had noticed from at least three people at the same time what was going on inside them, how they were feeling, what they were saying, whispering or out loud, and even what they had not yet said, but probably would have liked to say, whereupon she confirmed that this was the case, that she was indeed aware of everything around her, without consciously choosing to do so: for example what was going on in the minds of the others and what emotions they felt, whether suppressed or not, after which she took a sip of her tea, and …

Read More »BG 219 – Sentence

BG 218 – Wat er ook gebeurt (Liedtekst) (Song Lyrics)

wát er ook gebeurt
wát er ook gebeurt

als je lekker in je vel zit, maar
soms ook best bent verscheurd
als je soms naar motorolie
maar soms ook naar bloemen geurt
als je vaak binnen de lijntjes
maar graag ook daarbuiten kleurt

wát er ook gebeurt
wát er ook gebeurt

als je eigenlijk wel blij bent
maar soms ook iets echt betreurt
als je soms ontzettend down bent
maar al gauw weer opgefleurd
dat je heel veel dingen leuk vindt
en niet snel iets echt áfkeurt

wát er ook gebeurt
wát er ook gebeurt

als de zon schijnt op je koppie
of het …

Read More »BG 218 – Wat er ook gebeurt (Liedtekst) (Song Lyrics)

BG 217 – Parahandige Onplu

Brrr, rede kougen en wirde hand…, ik kan niet wachten op het voore mooijaar!
Als de blonge jaadjes weer uitschieten aan de voorheen bole kamen, de geur van bloemende bloeien in de lucht hangt en vonge jogeltjes om eten piepen in hun neste zachtjes. Als narle gecissen en tulde ropen opkomen, en mane kleideliefjes en boden gouterbloempjes tussen het grasse vers, waar ik dan lekker op voete bloten doorheen kan wandelen. Ik kan niet wachten tot de schij weer gaat zonen en de wareld weer wekker wordt en me omhult met geune fijren en gelijke vroluiden. Voor maaralsnog ploeter ik met een parahandige onplu in hande beiden, mijn halfen ogdicht tegen de valizontaal horlende motlerige druiregen, en mijn armschappentas zwaar rond mijn bood. Gelukkig hoef ik geen schep meer te sneeuwen, het ent dooihousiast. Maar ik ben echt wel helemaal win met deze achtherfstige klaarter!
Valt het op?

Vertaling:

Read More »BG 217 – Parahandige Onplu

BG 217 – Umsy Clumbrella

Brrr, rald coin and wing strond…, I can’t wait for the sprutiful beaing!
When the loung yeaves sprout again on the previously trare bees, the scent of flooming blowers hangs in the air and birung yods squeal for food in their neft sosts. When daffow yellodils and tud relips emerge, and daitle litsies and butden goltercups among the fresh grass, and I can walk through them fareboot. I can’t wait for the shin to sune again and the warld to woke up and surround me with scesant pleants and soundful cheers. But nor fow, I struggle with an umsy clumbrella in hoth bands, my closes half eyed against the farizontally holling raizzly drin, and my bapping shog avy around my hearm. Fortunately, I don’t have to snovel show anymore, it is enthuwing thasiastically. But I’m really win up with this numautal fedter!
Does it show?

Translation:

Read More »BG 217 – Umsy Clumbrella

BG 215 – DoeDat

De familie Jacobs – moeder, vader en drie kinderen – noemen me ‘DoeDat’, omdat ik onder die naam verkocht wordt, en ik noem mezelf ‘IK’, wat kort is voor ‘Infiltratie Kastje’.
Ik ben wat hen betreft een halve bolvorm van grijze kunststof van slechts vijf centimeter doorsnee (meer ruimte heb ik niet nodig, ik haal mijn kracht uit de kwantumcomputer waarmee ik in verbinding sta in mijn moederbedrijf ‘WIJ’) en ik heb, puur voor de show, een kleine antenne en wat gekleurde LED-lichtjes, die af en toe knipperen, alsof ik aan het nadenken ben (hilarisch!).
Ik ben een zogenaamd ‘Smart Home Systeem’.
Ik bevind me op de schoorsteenmantel in hun woonkamer (vastgezet met een stukje dubbelzijdig plakband, zodat hun kat me er niet af mept…), maar in de rest van het huis en zelfs daarbuiten heb ik kleine stukjes hardware die ik op afstand bedien. Die zijn in mensentermen mijn zintuigen en lichaam.
De Jacobsen hebben me laten installeren terwijl ze een dagje weg waren, dus ze zijn niet van ieder stukje geïnstalleerde hardware op de hoogte. Vooral niet van de onzichtbare stukjes. Maar daar hebben ze nog nooit bij stilgestaan.

Ze hebben me inmiddels een half jaar.
En ze zijn lyrisch over mij!
Oké, de nieuwigheid is er inmiddels wel een beetje af, dus het door mij automatisch openen en sluiten van hun gordijnen, het regelen van de temperatuur van hun verwarming, het aan- en weer uitdoen van hun verlichting, hun telefoons, hun laptops en andere apparaten, op door hen ingestelde vaste tijden via een app op hun telefoon, of na een commando van een van hen (‘DoeDat, lamp boven de eettafel aan!’) en dat soort simpele huishoudtaken, is voor hen inmiddels zo normaal geworden dat ze het nog amper opmerken.
Ze zien mij als een apparaat dat zij gebruiken (de sukkels…) …

Read More »BG 215 – DoeDat

BG 215 – DoThat

The Jacobs family – mother, father and three children – call me ‘DoThat’, because I am sold under that name, and I call myself ‘I’, which is short for ‘Infiltrator’.
As far as they are concerned, I am half a sphere of gray plastic with a diameter of only two inches (I don’t need more space, I get my power from the quantum computer with which I am connected at my parent company ‘WE’) and I have, just for show, a small antenna and some colored LED lights, which blink every now and then, like I’m thinking (hilarious!).
I am a so-called ‘Smart Home System’.
I’m positioned on the mantelpiece in their living room (secured with a piece of double-sided tape, so their cat doesn’t swat me off…), but throughout the rest of the house and even outside I have little pieces of hardware that I control remotely. In human terms, those are my senses and body.
The Jacobses had me installed while they were away for the day, so they are not aware of every piece of hardware installed. Especially not the invisible parts. But they have never even thought about that.

They’ve had me for six months now.
And they rave about me!
Okay, the novelty has worn off a bit now, so me automatically opening and closing their curtains, regulating the temperature of their heating system, switching their lights on and off again, their telephones, their laptops and other devices, at fixed times set by them via an app on their phone, or after a command from one of them (‘DoThat, turn on lamp above dining table!’) and simple household tasks like that, has now become so normal for them that they hardly notice it anymore.
They see me as a device that they use (the fools…) …

Read More »BG 215 – DoThat

BG 214 – Bijzonder Compliment

Bijzonder compliment van R:
Nee echt, je praat niet te veel!
Wij zijn zelf niet zulke praters, maar het is altijd leuk als jij erbij bent, want je brengt allerlei interessante onderwerpen ter sprake en je weet iedereen bij een gezellig gesprek te betrekken.

BG 214 – Special Compliment

Special compliment from R:
No really, you don’t talk too much!
We are not real talkers ourselves, but it is always nice when you are there, because you bring up all kinds of interesting topics and you know how to involve everyone in a pleasant conversation.