Essays (Nederlands)

Beschouwende prozateksten.

BG 347 – Anti-Fictie

Veel mensen – vooral mannen – in onze Westerse wereld lezen geen fictie (denk aan romans, korte verhalen, poëzie).
Dat is erg jammer, want juist fictie – en ik weet dat dit tegenstrijdig klinkt – kan ons helpen de realiteit beter te begrijpen.
Het kan ons bijvoorbeeld leren hoe we het beste kunnen omgaan met de uitdagingen waarvoor we in ons leven komen te staan, en het kan ons ook laten zien dat het niet zo erg is als dat niet altijd lukt. Het biedt ons de mogelijkheid om onszelf met anderen te vergelijken, om overeenkomsten en verschillen te ontdekken in onze emoties, ons uiterlijk, onze overtuigingen, en onze reacties op bepaalde situaties. Het kan ons aarden en ons minder eenzaam doen voelen. Het kan ons inzicht geven in andere mensen en ons gemakkelijker met hen verbinden. Het kan ons doen reizen zonder uit onze luie stoel te komen. En het kan onze verbeelding en daarmee onze creativiteit stimuleren. Tegelijkertijd zorgt het voor een stukje totale afzondering, zelfs te midden van andere mensen, voor plezier en voor ultieme ontspanning.

– ‘Als jongen las ik sciencefiction en avonturenboeken, maar nu ik volwassen ben doe ik dat natuurlijk niet meer.’
– ‘Sprookjes zijn voor kinderen.’
– ‘Mijn vrouw leest graag romans, maar daar heb ik beslist geen tijd voor.’
– ‘Waarom zou ik fictie lezen als er zoveel interessante non-fictie bestaat? Daar kan ik tenminste iets van opsteken.’
– ‘Ik vind fictie lezen een totale verspilling van mijn kostbare tijd.’
– ‘Soms vind ik het ronduit verderfelijk. Bijvoorbeeld als er expliciete seks in voorkomt. Of als het over onnatuurlijke relaties gaat.’
– ‘Waarom zou ik iets lezen dat een ander mens uit zijn duim heeft gezogen?’

Vanwaar die afkeer, of misschien wel angst, voor fictie?
Daar zijn natuurlijk allerlei redenen en excuses …

Read More »BG 347 – Anti-Fictie

BG 346 – Intelligentie

Alle dieren, en misschien wel álle levende wezens, ook die zonder een aanwijsbaar brein, hebben intelligentie, of zo je wilt cognitie; zijn derhalve intelligent.
Het is niet omdat wij zo beperkt zijn dat wij hun intelligentie (nog) niet begrijpen dat ze die niet zouden hebben.
Zelfs eencelligen vertonen rudimentair intelligent gedrag, zoals het verwerven (via zintuigen), verwerken, opslaan en gebruiken van informatie.

BG 343 – Handel in gebakken lucht

Aandelenmarkten (‘handel in gebakken lucht’) zijn gebaseerd op de gezamenlijke overtuiging van alle handelaren dat de huidige prijs van een specifiek aandeel FOUT is.
En hoewel beide partijen de beschikking hebben over exact dezelfde informatie (handelen ‘met voorkennis’ is immers strafbaar!), vinden VERKOPERS de huidige prijs te hoog, en denken ze dat die gaat zakken, terwijl KOPERS de prijs juist te laag vinden, en denken dat die gaat stijgen!
Dus, hoewel er eigenlijk niks mis is met de huidige prijs van een aandeel – daar zorgt de marktwerking immers voor – verdienen BELEGGINGSADVISEURS veel geld door beleggers met behulp van hun ‘kennis en ervaring’ te adviseren over de verkoop en aankoop van aandelen.
Uit uitgebreid onderzoek is gebleken dat hun advies waardeloos is en je zelfs meer geld doet verliezen dan als je gewoon de markt zijn werk had laten doen.
Zij halen hun riante inkomen dus inderdaad uit ‘gebakken lucht’.
Ja, natuurlijk, een heel enkele keer hebben jij en je adviseur geluk en maak je als aandelenbezitter een grote winst! Die droom is tenslotte waarom je het spel speelt. Maar realiseer je wel dat dat betekent dat een heleboel andere beleggers op dat moment geld verliezen.
Gemiddeld genomen wordt niemand rijk van ‘handel in gebakken lucht’, behalve dan die ‘financiële specialisten’.

BG 341 – Waarom?

Peuters en kleuters blijven je soms maar de oren van je hoofd vragen. De hele dag door vragen ze je aandacht met ‘Waarom…?’
‘Waarom is er zoveel lawaai?’
‘Er komt een grote auto aan.’
‘Waarom is die groot?’
‘Het is een vuilniswagen.’
‘Waarom heet hij vuilniswagen?’
‘Omdat hij ons vuilnis komt ophalen.’
‘Waarom haalt hij ons vuilnis op?’
‘Omdat we niet kunnen wonen tussen allemaal vuilnis.’
‘Waarom haalt hij dat dan op?’
‘Om het weg te brengen.’
‘Waarom weg brengen?’
‘Naar de vuilnisbelt.’
‘Waarom naar de vuilnisbelt?’
‘Omdat dat is waar ze onze vuilnis heen brengen.’
’Wat is een vuilnisbelt?’ (Slimmer kind, met een variatie op waarom!)
‘Een groot stuk land met grote bulten stinkend vuilnis erop.’
‘Waarom stinkend?’
‘Omdat vuilnis nu eenmaal stinkt.’
‘Waarom?’
‘Omdat het oude troep is, die verrot.’
’Waarom?’
‘Hou nu verdorie toch eindelijk eens op met dat waarom!’
’Waarom?’
Enfin, je herkent het vast wel…
Nu, als je je er weer eens mateloos aan ergert, bedenk dan dat wat het kind doet heel nuttig is voor haar toekomst. Wij volwassenen zijn immers ook voortdurend geïnteresseerd in de redenen waarom iemand doet wat zij doet, en waarom we zelf doen wat we doen. In gesprekken vragen we vaak naar redenen en online zoeken we naar redenen. We willen redenen, we willen oorzaken en verbanden, om orde te scheppen in de chaos van het leven en om er houvast in te vinden.
En die kleine hummeltjes? Die zijn dat alvast aan het oefenen!

BG 337 – Hoezo intelligent?

Hoezo denken wij, vrij domme mensen, dat wij kunstmatige ‘intelligentie’ kunnen ontwikkelen, die zichzelf verder ontwikkelt – razendsnel – en dan… ‘superintelligent’ wordt?
Waar halen wij het idee vandaan dat wij superintelligentie zouden kunnen creëren?
We begrijpen nog maar amper een fractie van onze eigen intelligentie en ons eigen bewustzijn!
Zo begrijpen we blijkbaar ook nog niet dat we die zogenaamd slimme software alleen moeten gebruiken om ons te assisteren en te adviseren, en dat we die natuurlijk geen autonome uitvoerende macht moeten geven, want dat dat een gegarandeerd recept voor onheil is.
Het is een feit: we zijn nogal dommig.

BG 333 – De ware

Hoewel het natuurlijk vaak een kwestie lijkt van een mix van factoren, is er meestal een overkoepelende oorzaak voor het niet standhouden van een eerste lange relatie of huwelijk.
De hersenen van jonge mensen zijn, mede door een gebrek aan ervaring, nog erg flexibel en passen zich gemakkelijk aan een andere persoon aan.
Zodra ze verliefd op iemand zijn, bedenken ze allerlei redenen waarom nu net die persoon de juiste partner voor hen zou zijn.
Ze voelen zich tot diegene aangetrokken door hun vermeende overeenkomsten, die maken dat ze hem/haar erg sympathiek vinden.
Maar ze voelen zich ook tot diegene aangetrokken door hun verschillen, die ze zien als elkaar aanvullende eigenschappen, en die ze in de ander bewonderen en respecteren.
Verliefdheid is een heerlijk gevoel en dus een sterke drijfveer.
Zo kan een toevallige ontmoeting met één van de meer dan acht miljard mensen op aarde hen ervan overtuigen dat ze in deze persoon nu juist die ene ‘ware’ gevonden hebben.
En vervolgens blijft diegene vaak jarenlang, zelfs een heel huwelijk lang, hun ware, door de krachten van gewoonte en herinneringen.
Totdat hun hersenen meer gerijpt zijn en ze zich beginnen te realiseren dat er misschien toch andere en betere vissen in de zee zwemmen.
Vaak is de situatie dan al gecompliceerd en zijn er kinderen.
De natuur zorgt er namelijk voor dat we, door gevoelens van verliefdheid en lust, net lang genoeg ons verstand uitschakelen om onze genen te kunnen doorgeven aan het nageslacht.

BG 328 – Een rondje om de Maan

Het zal je niet ontgaan zijn: er is een tweede Space Race aan de gang.

In december 1968 (4,5 jaar na mijn geboorte) maakte een bemand ruimtevaartuig van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA (Apollo 8) voor het eerst met succes een baan rond de Maan. Op 20 juli van het jaar daarna lukte het om met een ander ruimtevaartuig (Apollo 11) voor het eerst daadwerkelijk mensen op de Maan te doen landen. Ze huppelden er een tijdje rond, spraken een paar historische woorden en plantten er een vlag.
Dit alles werd mogelijk gemaakt met behulp van enorme hoeveelheden geld en research en met computers die nog in de kinderschoenen stonden. Het werd gedreven door de wens om de concurrentie voor te blijven.
En zo werd de eerste Space Race tijdens de Koude Oorlog nipt van de Russen gewonnen door de Amerikaanse NASA.

De laatste bemande Maanmissie van NASA (Apollo 17) dateerde al van 1972.
Maar nu is er opnieuw zo’n miljardenverslindende Space Race aan de gang!
En waar het eerder de Russen waren, zijn het nu vooral diverse Aziatische landen die kans maken die race te winnen. De Amerikanen moesten er opnieuw hun programma voor aanpassen, om toch vooral haantje de voorste te blijven, maar of dat lukt is nog geen uitgemaakte zaak.

Eerder deze maand (april 2026) is er op de tiendaagse missie ‘Artemis II’ van NASA door vier mensen opnieuw succesvol een baan rond de Maan gemaakt (ik ben nu 61, dus we hebben er lang op moeten wachten).
Deze keer bracht het mensen verder van de Aarde dan ze ooit geweest waren, ruim 400.000 kilometer, als gevolg van de ruimere bocht die er om de Maan gemaakt werd.
Een nieuwe missie van NASA, ‘Artemis III’, waarin mensen weer op de Maan zullen landen als alles goed gaat, staat geplant voor over een paar jaar.

In de tussentijd werken veel …

Read More »BG 328 – Een rondje om de Maan

BG 325 – Handschrift

Stukje handschrift 01.

Niet alleen ging dat aan elkaar schrijven veel sneller dan met losse letters schrijven, ook waren alle letters van alle leerlingen uniform.
Wel zo gemakkelijk te ontcijferen voor de leraren.

Nu, wat dat keurig schrijven betreft, dat is mij nooit gelukt. Terwijl ik het toch heel serieus probeerde, want ik vond het heerlijk om te leren schrijven en lezen!
Als verlegen jong meisje vroeg ik zelfs om extra schrijf-oefenschriftjes voor in de vakanties. Hoewel ik maar bleef oefenen op die prachtige letters en woorden, kreeg ik telkens op ‘netjes schrijven’ maar nipt een voldoende voor de moeite op mijn rapport.

Hoe ik aan mijn huidige handschrift geraakt ben, is me een raadsel.
Dat zal …

Read More »BG 325 – Handschrift

BG 324 – Denigrerend

Dat vrouwen en mannen nog altijd ongelijk behandeld worden, ook in onze zogenaamd vooruitstrevende Westerse wereld, moge duidelijk zijn.
Afgezien van het verschil in kansen en beloningen is ook het verschil in respect opvallend.
Zo worden vrouwen veel vaker dan mannen, ook in een professionele omgeving, ongevraagd bij hun voornaam genoemd. En ze worden ook veel vaker genegeerd en in de rede gevallen.
En alleen aan vrouwen wordt semi-bezorgd gevraagd hoe ze denken het met ‘thuis’ te kunnen combineren, als ze een baan met veel verantwoordelijkheid nastreven.
Verder is het opvallend dat voor vrouwen veel vaker dan voor mannen verkleinwoordjes worden gebruikt. Volwassen vrouwen worden vaak meisjes genoemd (op zich al een verkleinwoordje), terwijl volwassen mannen niet vaak jongens (laat staan kleine jongens) worden genoemd.
En breek me de bek niet open over alle manieren waarop vrouwen hun eigen sekse denigreren! Velen van hen hebben daar niet eens mannen voor nodig.
Tijdens mijn eerste huwelijk – ergens in de Middeleeuwen – noemde mijn ex-man mij tijdens ruzies vaak meisje. Als reactie noemde ik hem dan jongetje.
Hij werd daar razend van. Allicht, ik ook.

BG 318 – Liefdegem (Huis van Liefde)

Voor een kunst- en poëzieproject, dat vooral ook bedoeld was als een verbindend project in deze tijden van polarisatie, aangewakkerd door de nog vrij nieuwe maar niet meer uit te roeien zogenaamde sociale media, werd de gemeente waarin wij wonen, Lievegem, twee weken lang rond Valentijnsdag omgedoopt tot ‘Liefdegem’. Een mooie woordspeling. ‘Gem’ (zonder hoofdletter) is de uitgang van de naam van veel Vlaamse dorpen, en had lang geleden de betekenis van ‘huis van’.
‘Huis van Liefde’ dus. Mooi!

Omdat we allebei nogal creatief zijn, konden we deze gelegenheid niet aan ons voorbij laten gaan. Bovendien hebben we twee grote ramen aan de straatkant aan een redelijk drukke weg, één in de woonkamer en één in mijn atelier. Beide ruimtes vormden ooit, voordat wij hier introkken, samen de woonkamer, en ze worden alleen door een rij boekenkasten van elkaar gescheiden.

Ik schreef twee gedichten in een half uur tijd, dus het voorwerk was snel gedaan. Een Nederlands gedicht (‘Ik heb je lief, zo excessief’) en een Engels gedicht (‘Love the World’), omdat …

Read More »BG 318 – Liefdegem (Huis van Liefde)

BG 311 – Sneeuwkristallen

Onze favoriete sneeuwkristallen hebben zes punten. Altijd zes. Nu ja, tenzij er twee samensmelten, dan hebben ze soms twaalf punten.
Deze zespuntige sneeuwkristallen worden stellar dendrieten genoemd. Stellar betekent stervormig en dendriet betekent boomachtig, dus het zijn kristallen met takken en zijtakken.

Toen we als kinderen ‘sneeuwvlokken’ knipten uit gevouwen papier, knipten we dus eigenlijk sneeuwkristallen. En dan meestal ook nog met acht punten, omdat dat gemakkelijker was. We knipten fantasie-sneeuwvlokken.
Sneeuwvlokken zijn in werkelijkheid een luchtig rommeltje van aan elkaar geklonterde sneeuwkristallen.

Naast zespuntige stellar dendrieten zijn er nog allerlei andere vormen van sneeuwkristallen, zoals kolommen en naalden, afgetopte kolommen, driehoekige platte kristallen, diamantstofkristallen (die er uitzien als lichtgevend stof in zonlicht) en varenachtige stellar dendrieten (met heel veel parallelle zijtakken, zoals bij een varen).

Waarom hebben stellar dendrieten altijd zes punten? …

Read More »BG 311 – Sneeuwkristallen

BG 300 – Onze machowereld

Ik behoor tot dat deel van de mensheid dat er iets meer dan de helft van uitmaakt, maar waarvan de leden veelal als onbelangrijk en minderwaardig worden beschouwd.
Ik ben een vrouw.
‘Mankind’ is hoe de mensheid in het Engels heet. Dat klinkt alsof mannen eigenlijk de enige juiste menssoort zijn, wat niet echt ‘kind’ (aardig) is.
Gelukkig gebruiken wij Nederlandstaligen een vriendelijker woord, wat helaas niet inhoudt dat vrouwen hier een betere positie hebben.

Van oudsher zijn het mannen die de koers van de mensheid bepalen.
Zij strijden, plunderen, vechten competities uit en oorlogen, ze moorden, ze zijn helden, ze zijn overwinnaars, leiders, managers, bestuursvoorzitters, grootaandeelhouders, presidenten, dominees, burgemeesters, en hoofden van families.
Zij vinden het belangrijk dat ze de beste, de snelste, de sterkste, de machtigste, de rijkste en de invloedrijkste zijn, en ze willen de knapste en gewilligste vrouwen aan hun zijde, om hen te dienen, hun ego’s te strelen en hun zonen te produceren.

Ik ben dus eigenlijk een inferieur soort man.
Competities vind ik namelijk best aardig, maar dan graag met een brede finishlijn, waar we samen hand in hand overheen gaan.
Ik hecht waarde aan intelligentie, kracht, gezondheid, talent en geluk, maar wens dat ook mijn medemensen toe.
En waar ik ook van hou is kalm en zacht zijn, alleen of samen met anderen.
Ik hoef geen macht en invloed, tenzij om goed te doen. Om de klimaatramp een halt toe te roepen en de natuur te herstellen. Om welvaart en welzijn eerlijk over alle mensen te verdelen. Macht zonder agressie dus, macht ten bate van alle levende wezens.
Rijk hoef ik ook niet zo nodig te zijn. Zolang ik alles heb wat nodig is voor een menswaardig bestaan, en af en toe iets extra’s, ben ik tevreden. Want ik begrijp dat het oppotten van rijkdom, net als het oppotten van macht, ten koste gaat van grote aantallen andere mensen, en dat wil ik niet.
Dus word ik door mannen niet als gelijkwaardig gezien. Wat hen betreft …

Read More »BG 300 – Onze machowereld

BG 286 – Seizoenen

Toen de eerste mensen de eerste seizoenen meemaakten, moeten ze daar wel verbijsterd over zijn geweest.

Dat de wereld aanvankelijk zo mooi groen werd, dat er bloemen en bloesems in allerlei kleuren verschenen, dat het vervolgens heerlijk warm werd, dat de vogels begonnen te zingen dat het een lieve lust was, en dat er toen allerlei vruchten in en uit de aarde en aan bomen en struiken gingen groeien, zal hen zeer aangenaam verrast hebben. Akkoord, ze zullen zich wel eens vergist hebben en iets hebben gegeten dat hun maag niet verdroeg, maar over het algemeen moeten ze toch erg blij zijn geweest met het mooie weer en met deze overvloed aan eetbaars dat hen zomaar door de natuur werd toebedeeld.

Toen diezelfde eerste mensen merkten dat de laatste vruchten bedierven en ze nog net een voorraadje van de goede exemplaren wisten aan te leggen, toen ze de kracht van de zon voelden afnemen en de vogels zagen vertrekken, toen ze zagen dat het groen langzamerhand verdween, dat de eens zo frisse bladeren verkleurden en van de bomen vielen, en dat alle planten in rap tempo leken te sterven, moeten ze bang geweest zijn dat dit voorgoed was en dat het het einde van hun wereld betekende.

En toen het vervolgens ook nog eens begon te vriezen en alles om hen heen door sneeuw en ijs bedekt werd, moeten ze zich angstig teruggetrokken hebben in inderhaast uit takken en plaggen opgetrokken hutten of in natuurlijke grotten in de rotsen. Dat was bepaald nog geen pretje toen …

Read More »BG 286 – Seizoenen

BG 283 – Samen uniek

De mensheid is – in al haar verscheidenheid – één geheel. Er bestaat maar één mensensoort. Wij mensen zijn samen uniek!

Lang geleden hebben er ook andere mensensoorten op onze planeet geleefd, maar wij, Homo Sapiens, bleken de meest succesvolle en zijn daardoor als enige overgebleven. Ieder weldenkend mens vraagt zich af en toe nog wel eens af hoe dat toch mogelijk is geweest en of we de boel toen niet gewoon belazerd hebben, maar het is te laat om daar nu nog achter te komen. Dus laten we er maar gewoon blij mee zijn.

Inmiddels zijn er ruim acht miljard mensen! Waaruit blijkt dat je succes schromelijk kunt overdrijven en dat veel mensen eens wat vaker stil zouden moeten staan bij het gebruik van voorbehoedsmiddelen.

Natuurlijk zijn er tussen ons mensen onderling ook verschillen. Grote en kleinere verschillen, in bijvoorbeeld onze huidskleur, haarstijl, afkeer van spruitjes, gezondheid, leefomgeving, overtuigingen, mondhygiëne, voorkeuren, agressie, kansen, intelligentie, hoeveelheid zichtbare neusharen, overheersingsdrang, lengte, hobbies, buikomvang, politieke voorkeuren, seksuele voorkeuren, en in ons taalgebruik, energieniveau, make-up-gebruik, wiskundetalent, consumptieniveau, onze bijdrage aan de verwoestende klimaatramp en onze mening of we daar al dan niet dringend tegen in actie moeten komen.

Ondanks bewijs van het tegendeel, …

Read More »BG 283 – Samen uniek

BG 275 – Kunstmatige Domheid (KD)

Wij mensen zijn druk bezig met het ontwikkelen en ondertussen ook al op grote schaal gebruiken van Kunstmatige Intelligentie (KI).
Dat is soms handig, maar toch ook een probleem. We begrijpen namelijk nog lang niet hoe onze eigen intelligentie en ons eigen bewustzijn precies werken, maar we bouwen wel aan vormen van kunstmatige intelligentie die niet alleen even goed als onze eigen intelligentie moeten gaan werken, maar zelfs beter!
Dat lijkt me vooralsnog gedoemd te mislukken.

Natuurlijk, KI kan heel nuttig zijn! Voorlopig zeker voor eenvoudige repeterende handelingen, berekeningen, ontwerpen en beslissingen. En nu de markt overspoeld wordt met KI-systemen, zullen de ontwikkelaars verder moeten innoveren.
De huidige KI-systemen zijn vrijwel allemaal gebaseerd op zogenaamde ‘large language models’ (LLM’s). Dat betekent dat de ontwikkelaars gigantische hoeveelheden tekst en andere data kopiëren, vaak op illegale wijze (een dringend ethisch en juridisch probleem!), en die ‘voeden aan’ hun software.
Daarmee hebben ze software ontwikkeld die ons niet alleen letterlijk kan napraten, maar ook kan voorspellen wat we gaan zeggen nog voordat we het gezegd hebben! Soms doet die dat op een verbluffend overtuigende wijze, maar vaker werkt die nogal klungelig. Dat komt niet alleen doordat KI zelf nog niet optimaal functioneert, maar ook door de vaak dubieuze data waarmee ze gevoed wordt.
Pas in de laatste jaren hebben de ontwikkelaars ontdekt dat enkel het voeden van enorme hoeveelheden data aan AI niet afdoende is – iets dat toch voor de hand lijkt te liggen, maar …

Read More »BG 275 – Kunstmatige Domheid (KD)

BG 273 – Zomertijd

Afgelopen weekend, in de nacht van zaterdag op zondag, is de zomertijd weer ingegaan.
Wij besloten om ‘op de normale tijd’ te gaan slapen en op te staan, en pas op zondagochtend de klokken een uur vooruit te zetten.
Zo werd die ochtend dus een uur korter dan normaal, wat ik altijd nog beter vond dan een kortere nacht.
Het is niet zo dat mijn biologische klok zomaar magisch een uur kan verliezen of winnen en ook de duur van de werking van mijn medicijnen verandert niet zomaar.
Ons lichaam wil liever gewoon doorgaan in het ritme dat het gewend is.
Wat mij betreft mag de zomertijd dan ook zo snel mogelijk afgeschaft worden.
Maar hij is natuurlijk, zoals veel menselijke uitvindingen, bedacht voor de opvoering van de productiviteit en dus voor het genereren van meer geld.
De EU wil de zomertijd graag houden en het zou onhandig zijn als naburige landen in verschillende tijdzones leefden, dus kunnen EU-landen hem niet op eigen houtje afschaffen.
Heel dat concept van ‘een extra uur zonlicht’ is natuurlijk onzin.
De uren zonlicht blijven gelijk, we schuiven alleen maar met de kloktijd.
En daar zijn wij mensen eigenlijk helemaal niet op gebouwd.
Natuurlijk is ‘de kloktijd’ ook maar een verzonnen tijd, maar dan wel die waaraan ons lichaam en onze hersenen gewend zijn.
Kloktijd is een manier om vat te krijgen op de voortschrijdende tijd en om die in handige stukjes te kunnen verdelen.
In het verleden, met de opkomst van de industrialisatie, was het de manier om ervoor te zorgen dat iedereen op tijd bij de fabriek kon zijn, om tegelijk te beginnen met werken.
En, ook prettig, een manier om te zien wanneer men mocht stoppen met werken en weer naar huis mocht gaan.
Maar goed, het is weer zomertijd dus, zodat we even een paar dagen, hooguit weken, het gevoel hebben dat het ’s avonds iets langer licht blijft.
En daarvoor betalen we dan de prijs dat het ’s ochtends iets langer donker blijft.
Zoals ik al zei: van mij hoeft het niet.

BG 269 – Tijd doden

Wij leven gemiddeld 43.000 weken.
Drie-en-veertig-duizend weken! En die zijn óm voor we het in de gaten hebben.
Natuurlijk willen we al onze tijd graag nuttig besteden, het liefst ieder van die 43.000 weken.
Maar het is niet nodig om tijd te doden – hoewel er online, op tv, in reisgidsen, tijdschriften en podcasts heel veel tips gedeeld worden over hoe je dat het beste kunt doen.
Denk eens na: aan dode tijd héb je niks. Laat die tijd maar lekker leven.
Doe je eens een tijdje helemaal niets, dan is dat ook nuttig! Daar laadt je je batterijen mee op.
Je hoeft je vrije tijd niet vol te stouwen met ‘ontspannende’ maar oh zo vermoeiende activiteiten. Je hoeft je niet 43.000 weken te pletter te rennen, te werken, te sporten, te studeren, te appen, te gamen, te film-kijken en te vakantie-vieren.
Het is juist fijn om af en toe eens helemaal niets te hoeven doen en gewoon te genieten van het zijn.
Vooral in de zomer, als de zon schijnt, de bloemen bloeien en de vogels er op los zingen. Maar ook in guurdere tijden: lekker warm zittend in een comfortabele stoel bij het dubbelglazen raam als het buiten stormt en regent, of als er sneeuw naar beneden dwarrelt.
En natuurlijk kun je knus, met gestrekte benen op de bank – eventueel warm gehouden door een dekentje – en een kussen in je rug, zitten lezen in een goed boek. Dat is ook nuttig. Dat is zelfs heel nuttig!
Zo beleef je van alles, doorleef je van alles, en kom je nog eens ergens, zonder overeind te moeten komen. En je steekt er meestal nog iets van op ook.
Lezen doodt de tijd? Welnee! Het doet de tijd leven!

BG 261 – Stel nou dat

Stel dat ik opnieuw die jonge vrouw zou kunnen zijn, bijna volwassen, die achteraf gezien op een belangrijk keerpunt in haar leven stond, en ik had een heel andere richting kunnen kiezen, een heel ander weg in kunnen slaan? En als ik toen daadwerkelijk die andere weg in had geslagen, zoals ik vandaag de dag graag zou willen dat ik gedaan had, zou ik dan wel dezelfde persoon zijn geweest? Wat als ik niet koos voor de richting waarvan ik nu vind dat het de vervulling van mijn wensen zou zijn geweest, omdat dat blijkbaar toch niet de wensen van mijn jonge zelf waren? Anders had ik immers toen voor die richting gekozen? Tenminste, als ik in staat was geweest, als ik de juiste mogelijkheden had gehad. Maar die had ik niet, dus de keuze was er niet. Als ik die wel had gehad en die keuze gemaakt had, dan was ik toen al een heel ander mens geweest dus, een jonge vrouw die ondanks alles wel die keuze gemaakt had. En dan was ik nu, ruim veertig jaar later, ook een ander mens geweest. Maar wordt je wel ooit echt een ander mens? En wat dan als ik toen inderdaad, ondanks obstakels en tegenwerkingen, de keuzes gemaakt had waarvan ik nu zou willen dat ik ze gemaakt had, dus dat ik toen zou kunnen zijn geworden wat mijn huidige verlangens van me hadden gewild? Dan was ik andere wegen ingeslagen, en had ik dus per definitie niet die huidige verlangens gehad, omdat ik een heel ander pad gevolgd zou hebben en niet zou zijn geworden wie ik nu ben. Kortom: ik zou die verlangens toentertijd niet hebben kunnen vervullen als ik ze eenvoudigweg niet had. Is tenslotte niet ieder pad in het leven waarop ik me bevind het juiste pad, het pad wat ik nu hoor te bewandelen? De mogelijkheden zijn met de jaren en het aftakelen geslonken, maar er blijven altijd verschillende wegen om in te slaan. En alleen in het hier en nu, met mijn ervaringen, inzichten en verlangens van nu, kan ik de beste keuzes voor mijn huidige zelf maken.

BG 254 – Een leugentje om bestwil

Eerlijkheid en integriteit zijn eigenschappen die ik hoog in het vaandel draag.
Desondanks ontkom ik er niet aan om af en toe een leugentje om bestwil te gebruiken. De waarheid kan immers soms nogal lomp of kwetsend overkomen.
En soms kun je iemand ook gewoon blij maken met zo’n onschuldig leugentje.
Blijft de vraag of ‘onschuldig’ wel een passend bijvoeglijk naamwoord is bij ‘leugen’, zelfs als je er ‘-tje’ achter zet.

Als een vriendin je vraagt wat je van haar nieuwe bloes vindt, dan vind je die mooi, punt uit. Ook als dat niet waar is. In zulke gevallen bedenk ik een complimentje dat ik kan geven zonder te moeten liegen. Eerst maak ik een instemmend geluid, wat niet letterlijk betekent ‘oh, wat vind ik die bloes mooi’, maar wat eerder een bevestiging is van haar blijdschap over haar nieuwe aankoop. Vervolgens zeg ik bijvoorbeeld dat de kleur haar goed staat, of dat hij mooi past bij de broek die ze draagt. In ieder geval bevestig ik haar enthousiasme, zonder oneerlijk te hoeven zijn.
Maar als ze onraad ruikt en nogmaals nadrukkelijk wil weten wat ik van haar nieuwe bloes vind, dan schat ik in of ik eerlijk kan zeggen dat ik hem niet mooi vind – waar ze zich dan natuurlijk niets van aan hoeft te trekken, het is tenslotte enkel een kwestie van persoonlijke smaak – of ik ‘lieg’ om haar een plezier te doen dat ik hem wel degelijk mooi vind en verander daarna direct van onderwerp.

Lastiger wordt het als …

Read More »BG 254 – Een leugentje om bestwil

BG 244 – Onze arrogantie

Honderden jaren lang, vooral aangewakkerd door het christendom, voelde de westerse mens zich het opperwezen op deze planeet. Wat ons betrof bestonden dieren, planten, andere levensvormen en niet-levende materie enkel om door ons geëxploiteerd te worden. En dan niet op een evenwichtige, duurzame manier, maar gewoon zoveel als we in onze hebzucht maar te pakken konden krijgen, met behulp van steeds efficiëntere technologische hulpmiddelen. Het kon niet op, dachten we.

We waanden ons superieur. Of eigenlijk moet ik niet in de verleden tijd spreken, want de meeste, vooral westerse, mensen wanen zich nog steeds superieur. Het gevolg? Plundering van de Aarde. Uitputting van natuurlijke hulpbronnen, vervuiling van onze leefomgeving, en het door ons toedoen uitsterven van vele soorten levende wezens. En er komt maar geen einde aan onze hebzucht. Zelfs niet nu we allemaal in meer of mindere mate te maken krijgen met de eerste ernstige gevolgen van de door ons veroorzaakte klimaatramp. En met tekorten in wat we lang dachten dat onuitputtelijke bronnen waren, waarop wij meenden recht te hebben.

Waarom denken wij eigenlijk dat we superieur zijn? Honderden jaren lang waren we vergeten dat we gewoon een van de vele diersoorten op deze planeet zijn. We hadden gesproken en geschreven taal uitgevonden en een agrarische revolutie, een industriële revolutie en een automatiserings- of informatierevolutie op gang gebracht, en er was geen enkel ander levend wezen dat tot zoiets in staat was, dus we voelden ons almachtig. Ook toen we al lang veel te ver …

Read More »BG 244 – Onze arrogantie

BG 239 – Droomregels

Ik lees heel veel boeken per jaar. Overdag als ik zit of lig te rusten op de bank, en ’s nachts in bed voordat ik slapen ga. Nu ben ik vaak zo moe dat ik tijdens het lezen telkens per ongeluk in slaap val. En dan gebeurt er iets vreemds: mijn gedachten gaan naadloos door met het verhaal dat ik aan het lezen was, maar dit vervolg wordt ter plekke door mijn onderbewustzijn gecreëerd. Als ik weer wakker schrik, bevind ik me tegelijk in twee verschillende verhaallijnen, en moet ik op zoek naar de laatste regels in het boek die ik daadwerkelijk gelezen heb, zodat ik het verhaal van het boek weer op kan pikken. Dit gebeurt soms wel vijf keer binnen een half uur. Ik wou dat ik bij mijn volle bewustzijn kon putten uit die rijke verbeeldingskracht, die probleemloos aansluit op dat wat ik net las, maar ondertussen zijn eigen weg gaat. Helaas zijn die verzinsels een paar seconden nadat ik wakker word weer spoorloos verdwenen.

BG 235 – Tussen

Wij Nederlanders gebruiken het woord ‘tussen’ soms op vreemde manieren.

Zo zeggen we bijvoorbeeld ‘Au, ik kreeg mijn vingers tussen de deur!’
‘Tussen de deur’ en wat dan…? Ik neem aan tussen de deur en het deurkozijn, maar dat zeggen we dus niet.
En als we onze vingers ‘tussen de la’ krijgen (ook pijnlijk!), bedoelen we uiteraard tussen de la en het kastje waar die inschuift.
Ons gestuntel met het woord ‘tussen’ lijkt hier aan te sluiten bij ons gestuntel met genoemde deuren en lades.

Een ander voorbeeld: laatst werd er in een nieuwbericht opgesomd hoe vaak iets gebeurd was ‘tussen 2021 en 2022’. Uh, tussen 2021 en 2022…? Daar zit helemaal niets tussen! Die jaren sloten zoals gebruikelijk naadloos op elkaar aan.
Net als dat je iets niet ‘tussen dinsdag en woensdag’ kunt gaan doen. Ook daar zit immer niets tussen. Je bedoelt waarschijnlijk dat je dat of op dinsdag of op woensdag, of misschien zelfs in de nacht van dinsdag op woensdag gaat doen.

En dan hebben we nog het merkwaardige ‘tussen de middag’. Hoewel dat heel vreemd klinkt, is het toch correct Nederlands. Maar tussen de middag en wat dan…? We bedoelen rond lunchtijd, dus tussen de ochtend en de namiddag, zo rond 12:00-13:00 uur, maar we zeggen ‘tussen de middag’. Raar toch?

Meer logische manieren om het woord ‘tussen’ te gebruiken zijn: op een moment na het eerstgenoemde tijdstip – maar voor het volgende; of op een plaats met aan de ene kant iets of iemand en aan de andere kant iets of iemand anders; of op een plaats in het midden van of omringd door bijvoorbeeld mensen of bomen; of in vergelijkende uitdrukkingen zoals ‘het verschil tussen een tafel en een stoel’, of ‘tussen twee vuren zitten’ (moeten kiezen tussen twee onaangename mogelijkheden). Ja, die uitleg staat ‘tussen haakjes’.

BG 231 – Uitvindingen

Tot nu toe hebben de meeste grote uitvindingen van de mensheid als doel om zoveel mogelijke andere mensen vanaf veilige afstand te doden. Laten we daar verandering in brengen en voortaan uitvindingen doen om de klimaatramp een halt toe te roepen en onze planeet de kans te geven zich te herstellen. Daar mag wat mij betreft ook best een uitvinding tussen zitten die ervoor zorgt dat er minder mensen geboren worden, in plaats van dat er meer gedood worden.

BG 229 – Inspiratie

Als schrijver (en ook als kunstenaar, ontwerper en maker) krijg je vaak de vraag:
‘Waar haal jij je inspiratie vandaan?’ of ‘Waar haal jij je ideeën vandaan?’
Alsof er ergens een obscure website, een verborgen strandje, of een onopvallend supermarktje is waar je inspiratie en ideeën kunt gaan ‘halen’.

Aanvankelijk verbaasde ik me over zulke vragen.
Hoezo, waar haal ik mijn inspiratie vandaan? Die IS er gewoon en is er altijd al geweest. Is dat bij andere mensen niet zo, dan? Zo lang als ik me kan herinneren is mijn (on)bewustzijn al gevuld met allerlei creatieve ideeën die erom vragen ooit een keer uitgewerkt te worden, tot bijvoorbeeld een kort verhaal, een essay, of een gedicht. Ik hoef mijn inspiratie niet ergens te gaan ‘halen’.

Ik denk dat schrijvers vooral opmerkzame mensen zijn, die veel lezen en die in veel dingen geïnteresseerd zijn. Die hun zintuigen goed gebruiken en veel van de wereld om zich heen in zich opnemen. Die de humor zien of bijvoorbeeld de verwondering in kleine gebeurtenissen, waar andere mensen amper aandacht aan besteden. Die bewust leven en die van taal houden. En omdat ik niet zo’n goed geheugen heb, maak ik regelmatig even een aantekening over iets waarvan ik denk dat ik er ooit over wil schrijven. Of ik kom een webpagina tegen over een onderwerp waar ik ‘ooit iets mee wil doen’ en …

Read More »BG 229 – Inspiratie

BG 225 – Applaus voor jezelf

Er valt me de laatste tijd iets bijzonders op als ik kijk naar bijvoorbeeld een kwis op tv.
Zodra iemand een ronde van de kwis, of heel de kwis, gewonnen heeft, en de andere aanwezigen voor haar of hem klappen, klapt de persoon in kwestie gewoon mee.
Blijkbaar werkt dat klappen aanstekelijk en doet de winnaar automatisch mee, in plaats van met een dankbaar knikje of glimlach de lof in ontvangst te nemen.
Waarom toch dat applaudisseren voor jezelf?
Hebben ze er dan geen idee van dat het applaus voor hén bedoeld is, en volgen ze gewoon gedachteloos de rest, als een kuddedier?
Of kiezen ze er bewust voor om voor zichzelf te klappen?
Ben ik de enige die dat een beetje vreemd vindt?

BG 223 – Virtuele Realiteit

Virtuele realiteit, nu vrijwel exclusief gelinkt aan computers, door de razendsnel voortschrijdende automatisering, is in werkelijkheid zo oud als de mensheid. Virtueel betekent fictief, imaginair, ingebeeld – en daar heb je eigenlijk helemaal geen computer voor nodig. Toen we vuur hadden leren maken en onze verre voorouders elkaar voor het slapengaan verhalen vertelden over hun eigen belevenissen en dromen en die van hun voorouders, maakten zowel de vertellers als hun toehoorders gebruik van hun verbeelding, om voor zich te zien en zich in te leven in dat wat er met woorden overgebracht werd. In rituelen werden gezamenlijke gevoelens en onderlinge verbondenheid gevierd en verstevigd.

Vandaag de dag gebruiken we onze verbeelding vooral tijdens het lezen van boeken en verhalen. Terwijl we de gedrukte tekst tot ons nemen, creëren we daar in onze gedachten beelden, geuren, geluiden en andere sensaties bij. Recent is uit onderzoek gebleken dat de hersendelen die op een scan normaal oplichten bij bijvoorbeeld rennen, roepen, lachen, vriendschap en seksualiteit, ook oplichten als we daar enkel over lezen. Blijkbaar zijn we dus in staat om in onze verbeelding de dingen bijna echt te beleven. Jammer genoeg geldt dat voor steeds minder mensen.

Door de zich bliksemsnel ontwikkelende automatisering leven we tegenwoordig met ons lichaam nog in de natuurlijke wereld, maar met ons hoofd een groot deel van de tijd in de virtuele computerwereld. Onze telefoons en andere beeldschermen bieden ons een overvloed aan kant en klare, korte, snelle en verslavende prikkels, waardoor we ons niet meer voor langere tijd op iets kunnen concentreren. Natuurlijk is die nieuwe wereld heel aantrekkelijk, maar het is jammer dat we daardoor amper nog lezen. Want door boeken en verhalen te lezen en dus door onze verbeelding te gebruiken, leren we waardevolle vaardigheden die we nodig hebben in ons leven. Zoals: empathie, relativeren, niet-virtueel communiceren, opkomen voor onszelf, zorg voor onze leefomgeving, zelfzorg, tevredenheid, alleen kunnen zijn, creativiteit, kritisch denken, problemen oplossen en weerbaarheid.

BG 202 – Tonnen

Hoe zit dat ook alweer met die ton?
Wat is het? Wat meet het ook alweer? En hoeveel meet het ook alweer?
Laten we het op een rijtje zetten…

Als we het over gewicht hebben, is een Nederlandse ton (een metrische ton) gelijk aan duizend kilogram (vaak afgekort tot kilo of kg).
Dus: 1 ton = 1.000 kg.
Dat klinkt simpel, maar is internationaal gezien toch wat ingewikkelder.

De gewichtseenheid ‘ton’ kan namelijk in het Engels verschillende betekenissen hebben (lbs = pounds):
1 ton = 1 ‘short ton’, US = 2,000 lbs = 907,18 kg
1 ton = 1 ‘long ton’, UK = 2,240 lbs = 1.016 kg
1 tonne = 1 ‘metric ton’ = 2,204.62 lbs = 1.000 kg

Hoe zit dat dan, met die short en long ton? …

Read More »BG 202 – Tonnen

BG 186 – Kunstmatige Intelligentie

Er werd geen AI gebruikt bij het maken van deze Blog.

AI = Artificial Intelligence = Kunstmatige Intelligentie.
(De afkorting KI heeft in het Nederlands al diverse andere betekenissen.)

Alles wat je op deze Blog ziet en leest is door mij gemaakt en is het resultaat van mijn verbeelding, mijn creativiteit, mijn gedachten, mijn gevoelens, mijn intelligentie, mijn kennis, mijn individualiteit, mijn herinneringen, mijn ervaring, mijn opmerkzaamheid, mijn feilbaarheid, mijn taalgevoel, mijn talent, mijn inspanning, mijn haperende concentratie, mijn perfectionisme en mijn doorzettingsvermogen.

Ik heb geen kennisbronnen illegaal gekopieerd, geen copyrights geschonden en geen intellectuele diefstal (plagiaat) gepleegd voor het maken van deze Blog.

Kunstmatige intelligentie daarentegen is niets anders dan supersnelle reproductie en combinatie van andermans data. Data die in veel gevallen onrechtmatig is verkregen.
Intelligentie lijkt mij daar niet het juiste woord voor.
Wat eraan ontbreekt zijn inlevingsvermogen, (diverse niveaus van) bewustzijn, geweten, gevoel, moraal, herinnering, zelfcorrectie, interactie, en alles wat ons mensen verder nog onderscheidt van supersnelle kopieer- en combineersoftware.

Ik vraag mij af: …

Read More »BG 186 – Kunstmatige Intelligentie

BG 178 – Meerdere levens

Het staat iedereen vrij te geloven wat zij of hij (of drij) wil en het staat ieder ander vrij het daar al dan niet mee eens te zijn.
Het leven kent geen absolute en onveranderlijke waarheden, hoe graag we het ook proberen te vangen in onze verhalen en stellige overtuigingen.
Dat gezegd hebbend, ben ik van mening dat sommige mensen dat van die meerdere levens verkeerd hebben begrepen.
Bij mij gaat het er niet in dat er voor mij na mijn dood andere levens zullen volgen.
Niet als mens en ook niet als een ander levend wezen, zoals een favoriet dier.
En het lijkt me al helemaal zinloos als zo’n volgend leven in het teken staat van straf of beloning voor het huidige.
De houdbaarheid van een levend wezen is eindig.
Ik ben meer van de wetenschap en niet zo van het wensdenken, ook waar het mijn eigen leven betreft. Als ik sterf is het over en uit voor mij, en dat is prima.
Ik voel ook niets voor de pseudo-wetenschap die ons wil doen geloven dat onze ‘ziel’ een tastbaar iets is, dat bij het sterven ons lichaam *poef* verlaat en dat, zo’n 300 gram zwaar, vervolgens zijn weg zoekt naar een pasgeboren volgend levend wezen om in voort te leven en er nieuwe lessen in te leren.
Nee, ik denk dat ik, net als alle andere levende wezens …

Read More »BG 178 – Meerdere levens

BG 176 – Weerdeskundigen

Als er één ding is dat we met zekerheid kunnen zeggen over het weer, vooral in kleine landen met een gematigd zeeklimaat als Nederland en België, dan is dat dat het onvoorspelbaar is.
Het is dus bewonderenswaardig dat meteorologen, net als andere godheden, veel vertrouwen bij hun volgelingen weten te wekken, hoewel ze het zelden bij het juiste eind hebben met hun voorspellingen.
Je zou verwachten dat hun voortdurende blunders hen hun baan zouden kosten, maar niets is minder waar: ze blijven onverminderd populair.
Zo ook het weerbericht, dat ondanks, of juist dankzij, al zijn missers voor veel mensen een onuitputtelijke bron van gespreksstof blijft.