Nederlandse Teksten

Hier vind je alle Nederlandstalige teksten bij elkaar.

BG 92 – Toeval

Onze 22-jarige dochter is geboren op een dag in april.
Ons 3-jarige buurmeisje aan de linkerkant is geboren op exact diezelfde datum.
En ons nieuwe babybuurjongetje aan de rechterkant ook!

BG 91 – Zinvol

Het was haar opgevallen dat de jongere vrouw in de hoek van de benauwde woonkamer telkens een beetje zat te schuifelen op de haar toegewezen strenge harde stoel, en dat ze gedurende de lange saaie gesprekken van de oudere dames om haar heen, die zich tussen het praten door koelte toewapperden, danwel wensten dat zij iets hadden meegenomen om zich koelte mee toe te kunnen wapperen, afwisselend de bandjes van haar bh onopvallend herschikte en op het scherm van de in haar handpalm verborgen telefoon hoopvol speurde naar binnengekomen berichtjes, onderwijl de schijn ophoudend van buitengewoon goed te luisteren en het al knikkend en glimlachend beleefd eens te zijn met wat het ook was dat de oudere vrouw die haar op dat moment vertrouwelijk toesprak – zucht – stellig beweerde.

BG 88 – Je auto wassen voor je Instagram

Net buiten Rustig Belgisch Dorp, aan de Grote Baan (ja echt, zo heet hij), is een autowasstraat. Stel je daarbij niet zo’n volautomatische wasstraat voor, maar gewoon een lang dak met daaronder een rij halfopen, door schuttingen afgescheiden hokjes, waarin je zelf je auto wast. De Maakster had net haar auto afgespoten en reed hem naar buiten om het interieur schoon te maken met een stofzuiger.

In het hokje naast haar arriveerde een donkerblauwe BMW, model duur. Het voertuig zag eruit alsof het thuis binnen twee minuten met een stofdoekje schoongemaakt had kunnen worden. Er stapte een koppel twintigers (v/m) uit, die er niet bepaald typisch uitzagen als mensen die een auto gingen wassen. De Maakster, in een oude spijkerbroek en met waterbestendige oude schoenen aan haar voeten stak er nogal sjofel bij af.

De slanke, gespierde man droeg een wijde kaki-broek tot op de grond, waaronder grote sportschoenen in blinkend wit en zilver. Rond zijn borstkas spande een bijna lichtgevend wit shirt en zijn keurig met gel in model gekamde haren werden op hun plaats gehouden door een zonnebril met zilverkleurige glazen. De man was gladgeschoren en het zou De Maakster niet verbaasd hebben als…

Read More »BG 88 – Je auto wassen voor je Instagram

BG 85 – Toeval

Ieder jaar in de periode van begin september tot begin december vormen de leeftijden van mij, mijn broers en mijn geliefde een keurig rijtje.
Dit jaar:
58 – mijn lieve broer P
57 – ik, B
56 – broer A
55 – mijn fantastische echtgenoot M

PBAM!

BG 84 – 100 Woorden Fictie

In de tent

Kamperen in het bos is nooit je favoriete bezigheid geweest, maar je moest mee, want anders kwamen ze een man tekort. Bij wijze van spreken. Je bent immers geen man. In een tent kun je niet doen alsof er muren zijn, en een rits is nooit een deur. Natuurlijk kun je niet echt je oren spitsen, maar je kunt wel heel hard proberen de voorzichtig ingehouden stappen te horen van de man die niet tussen de bomen door sluipt tot aan jullie tent. Je zet je schrap. En dan maar hopen dat hij niet op mannen valt.

BG 82 – Het regent pasjes, halleluja

Tijdens haar dagelijkse wandeling door Rustig Belgisch Dorp vanmorgen, bleef De Maakster abrupt stilstaan toen ze op de oprit naar een huis iets zag liggen glimmen in de zon. Bukkend zag ze dat het een bankpasje was. Het adres op de kaart kwam overeen met dat van het huis waar ze voor stond, dus ze besloot aan te bellen. Er werd niet opengedaan, maar ze zag vanuit haar ooghoek een beweging achter het raam. Ze belde een tweede keer aan en deze keer keek ze direct naar het raam. Daar zag ze nog net iemand wegduiken achter een gordijn. Toen de voordeur ook na een derde keer aanbellen nog steeds niet geopend werd, liep ze over het netjes gemaaide gazon en klopte op het raam. Een oudere vrouw kwam aarzelend tevoorschijn, met rode wangen van de opwinding. De Maakster glimlachte vriendelijk, hield met haar ene hand het bankpasje omhoog en wees er met haar andere hand naar. De oude vrouw sloeg haar handen voor haar mond, werd nog roder, en besloot nu dan toch de voordeur op een kier open te doen. Ze schraapte haar keel en probeerde streng te klinken:

Read More »BG 82 – Het regent pasjes, halleluja

BG 81 – Willekeurige Vragen

Mag ik je iets vragen? Kun je paardrijden? Ging je als kind graag naar school? Kun je programmeren? Kun je breien? Hoeveel spijkerbroeken liggen er in jouw kleerkast? Vind je dat wc-papier met de losse kant naar voren of naar achteren moet hangen? Maakt dat echt wat uit? Wie is jouw favoriete televisiepresentator? Eet je graag bananen?

BG 79 – Een thriller in 33 woorden

Ze knipperde tegen het felle daglicht.
De arts kwam haar vertellen dat ze het ongeluk overleefd had. Ze had niets gebroken en mocht morgen al naar huis.
Een kussen blokkeerde opeens haar blikveld.

BG 76 – Zinvol

Gillen deed ze normaal niet, dus de andere kinderen, die in een kring om haar heen stonden, hadden dat nooit eerder gehoord; maar het werd volgens haar hoog tijd dat de volwassenen in hun brave rijtjeshuizen achter hun pasgemaaide tuintjes aan weerszijden van de straat zich realiseerden dat zij, de jeugd van tegenwoordig, er ook nog waren, dus zette ze zich schrap en liet ze de luidste en langste gil horen die technisch gezien met menselijke stembanden geproduceerd kon worden, waarna ze tevreden vaststelde dat er over de saaie straat een oorverdovende stilte viel.

BG 75 – In de schoorsteen ‘vallen’

Dit is een waargebeurd verhaal. Het gebeurde zelfs tientallen keren, voordat we onze schoorsteen lieten afdekken met kippengaas.

Beeld je in: er staan drie kauwtjes op de rand van de schoorsteen. Hun zwarte silhouetten steken af tegen de heldere lucht.

Kauw, kauw! Woppa! Daar ga ik!
Oh, shit! Kauw, kauw, kauw! Wat is het hier krap.
Kauw! Ik kan mijn vleugels amper bewegen.
Ik zit bijna klem tussen de bakstenen.
En wie heeft er verdorie het licht uitgedaan? Kauw!
Au, wie gooit er een tak op mijn kop. Kauw, au!
Even wachten ja, het is mijn beurt! Mijn!
Fladderfladderdefladder. Kauw, kauw!
Hoppa, ik glij verder naar beneden.
Mijn vleugels schuren langs de zijkanten.
Fladderdefladder. Wooow!
En nog verder. Oeps, ai, kauw, kauw, kauw! Fladder, fladder.
Pff, bah, al dat roet, pff!
Zeg, wie gooit er die walnoot op mijn kop? Kauw!

Read More »BG 75 – In de schoorsteen ‘vallen’

BG 73 – Nog steeds

Dit is de dialoog die ik schreef voor het Belgische openlucht theaterproject ‘Het Bankje 2021’.
Beluister hier de door stemacteurs gespeelde uitvoering.

– Mooi weer vandaag, hè?
– (zwijgt)
– Ik zei, mooi weer vandaag.
– Ja. Dat heb ik gehoord.
– En?
– En, wat?
– Of het mooi weer is vandaag?
– Ik hoorde net van wel.
– En bent u het daarmee eens?
– Nee, dat niet.
– Waarom?
– Waarom wat?
– Waarom bent u het er niet mee eens?
– Waarmee?
– Dat het mooi weer is vandaag.
– Ik vind het te koud.
– Maar het is toch niet zo koud vandaag?
– Jawel.
– Gisteren was het kouder.
– Een beetje, ja.
– Vandaag is het mooi weer.
– Vind ik niet.
– Waarom?
– Het is me te koud.
– Het is te kóud, zegt u?

Read More »BG 73 – Nog steeds

BG 70 – 100 Woorden Fictie

Ook al is dat niet zo

Je hebt gezegd dat je – ja hoor – graag een keer in een tentje in de tuin kampeert. Dat je dat leuk vindt, zo bijna onder de blote hemel, met je bijna blote lijf, als het zo warm is als nu. Je hebt gezegd dat je er – ja natuurlijk – mee door wilt gaan, ook al heeft je vriendin afgezegd. Je hebt gezegd dat je geen problemen hebt met kriebelende en zoemende beestjes en dat je prima slapen kunt op zo’n dun matrasje op de oneffen ondergrond.
En dat je’s nachts gelukkig nooit hoeft te plassen.

BG 69 – Overleg

Beng! De deur klapte onbedoeld hard achter hen dicht toen hij hem losliet. Vanuit de harde wind was ze onder zijn arm door bukkend naar binnen gestapt en voor ze ook maar de kans kreeg het zelf te doen, hielp hij haar uit haar jas en hing die samen met de zijne aan de kapstok. Met een beschermende hand tegen haar onderrug – zijn hand voelde verrassend warm aan door de dunne stof van haar T-shirt – voerde hij haar naar binnen. Ze besloot om de deur voor hém open te houden straks als ze vertrokken.

Een vriendelijke medewerker begeleidde hen naar een tafeltje voor twee in een rustige hoek achter in de bistro, waar ze een goed overzicht hadden, maar ook de nodige privacy. Ze waren net op tijd binnen: inmiddels kletterde er regen tegen het dichtsbijzijnde raam. Zij schoot in de lach toen ze tegelijk met beide handen door hun verwaaide haar streken.

Als vanzelfsprekend…

Read More »BG 69 – Overleg

BG 66 – Bijzonder Compliment

Bijzonder compliment van haar gyneacologe:
‘Je borsten zijn in uitstekende conditie …
… voor je leeftijd.’

BG 65 – Zinvol

Maakt ze zich groter en breder dan ze eigenlijk is, stapt ze zó dicht op de belediger af dat hij vergeet wat persoonlijke ruimte ook alweer betekent, pakt ze eindelijk het glas bier aan dat ze tot dan toe keer op keer geweigerd had, trekt het halfopenstaande witte overhemd van de jongeman onder zijn zwartleren jasje naar voren, en giet sierlijk de inhoud over zijn vrijwel onbehaarde borst, met een allervriendelijkste glimlach gevolgd door een stellig ‘ik zei NEE’.

BG 63 – 100 Woorden Fictie

Ze waren zogenaamd smokkelaars

Dat ze smokkelaars waren, had ze gezegd, dat dat ‘oeh’ spannend was! Dat ze moesten uitkijken voor de douane. Hij wist niet wie dat was, de douane. Gelukkig had ze gezegd dat ze terug zou komen, later, om hem te halen. Hij had haar geloofd. Dat ze zijn jas had moeten meenemen natuurlijk, als bewijs. Het was koud. Dat hij de weg kon vinden door te kijken aan welke kant van de boomstammen het mos groeide. Maar het was donker. Ze zou terugkomen, om hem te halen. Hij wist niet zeker of hij haar nog geloofde.

BG 62 – De Boze Echtgenote

Op haar dagelijkse wandelingen door Rustig Belgisch Dorp ontmoet De Maakster natuurlijk ook andere bewoners te voet. Die wenst ze ‘goedemorgen!’ of ‘een fijne dag!’, omdat de wereld daar een beetje mooier van wordt. Sommige bewoners groeten vriendelijk terug, maar anderen doen alsof ze niets gehoord hebben, of wenden snel hun hoofd af. Daar laat De Maakster zich niet door weerhouden.

Rustig Belgisch Dorp is een beetje een gesloten dorp en veel van zijn bewoners zijn gewend alleen om te gaan met mensen die ze al vanaf hun geboorte kennen. Ze voelen zich ongemakkelijk bij nieuwelingen, zelfs al wonen die er al geruime tijd. Oudere mensen reageren soms verward: ‘Maar… eh… ik kén u toch niet?’,

Read More »BG 62 – De Boze Echtgenote

BG 60 – Haiku

bij het ontwaken
diepe sporen van dromen
in de rechterwang

BG 59 – Willekeurige Vragen

Mag ik je iets vragen? Wat is je favoriete smaak ijs? Slaap je op één hoofdkussen of op meerdere? Installeer je zelf je software, of laat je dat door iemand anders doen? Wat krijg je liever: een bos bloemen of een fles wijn? Hoeveel is één plus één? Altijd? Hoeveel hamers bezit je? Draag je liever goud of zilver? Ben je ooit iets kostbaars verloren?

BG 58 – Schrijfwedstrijd ‘Het Bankje’

Hoera, ik ben een van de 20 winnaars van de schrijfwedstrijd ‘Het Bankje’!

Met Het Bankje gingen Creatief Schrijven vzw, OPENDOEK en Kunstwerkt op zoek naar originele dialogen die zich afspeelden tussen twee mensen op een bankje. We ontvingen maar liefst 242 inzendigen. Na rijp beraad selecteerden vakjuryleden Pascale Platel en Daan Pleumeekers 20 laureaten. Hun teksten worden door acteurs gespeeld en ingeblikt als podcasts. Beeldend kunstenaars maken er een ‘beeld’ bij. In de zomer zijn ze te beluisteren via een QR-code op bankjes in meer dan 100 gemeenten [in België].

BG 55 – Chinees Eten

Op vrijdag haalt Marc meestal eten voor hen bij de Chinees. Op zondag eten ze de restjes. Omdat het op woensdag nog maar kort geleden is, en ook niet lang meer duurt, lijkt het soms alsof ze de hele week door chinees eten. Dat is natuurlijk niet zo. Marc kookt vaak en lekker!

BG 54 – Welkom baby Hidde

Colorful handmade birthday bunting, laying on blue background.


(Mama M, papa A, opa P, en andere familieleden: Van Harte Gefeliciteerd!)

lief, lief klein mensje
ik ben zo blij, ik wens je
een heel gezond lang leven
van huisje, boompje, beestje
en af en toe een feestje
grote warme knuffels
en brede schaterlachen
voetjes in het blote gras
een schepje in een zandbak
een plank vol fijne boeken
en stiften en papier
een puppie of een kitten
schoten om op te zitten
handjes aan het stuur
en ’s avonds voor het slapengaan
een zoen van mamapapa en
een voorleesavontuur

BG 53 – Bijzonder Compliment

Bijzonder compliment van een buurman, die iets bewonderde dat zij gemaakt had:
‘Alles wat jouw handen aanraken verandert in goud!
Kun je dit even voor me vasthouden?’

BG 52 – Schrijver (v/m/x)

Ik ben schrijver.
Ik ben ook kunstenaar, ontwerper en maker.

(Maar niet van beroep. Sinds het begin van dit millennium ben ik – vanwege hardnekkige gezondheidsproblemen – arbeidsongeschikt.)

Ik ben dus schrijver, als in de genderneutrale vorm van schrijfster.
En ook kunstenaar, ontwerper en maker, als in de genderneutrale vormen van kunstenares, ontwerpster en maakster.
Het woord schrijver mag van oudsher mannelijk zijn, maar dat betekent niet dat de schrijver zélf dat ook moet zijn.

Dat is anders bij bijvoorbeeld timmerman. Ik zou mezelf geen timmerman of, geforceerd, timmervrouw noemen, maar voor het neutrale timmeraar kiezen.

Bij het benoemen van mijn bezigheden lijkt het me niet van belang wat mijn sekse of gender is.
Ik noem mezelf dus geen schrijfster, tenzij in een context waarin het gewenst is onderscheid te maken tussen vrouwelijke, mannelijke en genderneutrale schrijvers.

BG 50 – Boomhut

Als kind leek het bouwen van een eigen boomhut haar het toppunt van gelukzaligheid. Het kwam er nooit van. In het tuintje van haar ouderlijk rijtjeshuis was geen plaats voor een boomhut. En in de bomen in ‘Het Bos’, een stuk natuur met wandelpaden, een hertenkamp en een eendenvijver, rond een oud landhuis dat ze optimistisch ‘het Kasteel’ noemden, mocht ze niet met hamer, spijkers en zaag tekeergaan.

Maar in gedachten bouwde ze de mooiste boomhutten, met geheime verdedigingswerken tegen indringers. Haar droomhut zou, toen al, een creatief atelier worden met een heerlijk uitzicht op de ‘wilde’ natuur, waarin ze veel spannende avonturen zou beleven. Ze groeide op in een tijd waarin je als kind te voet of op je fiets kon rondzwerven waar je maar wou, als je maar om etenstijd weer thuis was.

Vandaag de dag woont ze met haar man in een huis met veel kamers, waaronder haar werkkamer, haar knutselmaterialenmagazijn en haar creatief atelier. De ideale boomhut! Jammer dat hij niet in een boom past.

BG 49 – Haiku

koud en blinkend wit
van ragfijne kristallen
verdampt in de zon

BG 48 – Onze katten en de achterdeur

Two grey striped cats on a windowsill.

Leo & Daisy


Onze grijsgestreepte katten, we hebben er twee, zijn natuurlijk lief, maar ze kunnen ook behoorlijk irritant zijn, vooral als het slecht weer is.
Ze mauwen dan tientallen keren per dag: ‘zeg, doe je de achterdeur voor me open?’, waardoor ik me maar met moeite ergens op kan concentreren. Probeer ik hun gemauw te negeren, dan wordt het alsmaar luider en dwingender: ‘zeg mens, doe je nu eindelijk die deur voor me open?’.
Zijn ze binnen, dan kan ik ze tijdelijk afleiden door met ze te spelen. Dat gaat meestal zo: ik speel met een kattenspeeltje en zij kijken er verveeld naar. Soms geven ze er sloom een tikje tegenaan om van het gedoe af te zijn.
Dat vriendelijk beginnende, maar steeds dwinger wordende mauwen doen ze afwisselend binnen en buiten. Als ze binnen zijn willen ze naar buiten en als ze buiten zijn willen ze naar binnen.
Regent het, of ligt er sneeuw, dan mauwen ze moord en brand om naar binnen te mogen. Dat mag pas als ik met een oude handdoek hun pootjes heb schoongemaakt.
Vijf minuten later zijn ze alweer vergeten dat het buiten nat en koud was en begint het gedoe weer van voren afaan: ‘Mag die deur open? Mauw? Maauuw? Maaaaaaauuuuw!’
Had ik al gezegd dat we er twee hebben? Ze wisselen elkaar af.

BG 45 – Een thriller in 33 woorden

De voetstappen achter haar in het donker waren gelukkig gestopt. Ze haalde opgelucht adem. Twee straten nog, dan was ze thuis. Plotseling sloten sterke handen zich om haar hals. Ze zag een kousevoet.

BG 44 – Vallen

Tijdens haar dagelijkse wandeling door Rustig Belgisch Dorp lijken de bewoners vandaag spontaan te vallen zodra ze De Maakster zien. Dat kan natuurlijk toeval zijn. Het heeft niet gevroren, integendeel, het is zelfs warm voor de tijd van het jaar, maar de laatste restjes rottende bladeren op straat zijn door de regen van vannacht glibberig geworden.

Halverwege haar route, tussen de sportvelden aan de ene kant en het mountainbiketerrein aan de andere kant, ziet De Maakster in de verte een oudere man met zijn hond. De man zwaait plotseling met beide armen door de lucht en valt dan pardoes op zijn gat. De hond, een blonde labrador, staat er verbaasd bij te kijken. Als ze hem even later passeert en vraagt hoe het gaat – de man, niet zijn hond –

Read More »BG 44 – Vallen

BG 42 – Wiskundedeuk

Ze heeft een wiskundedeuk. Sterker nog: ze heeft een deuk voor alle exacte vakken. Dat zit zo. Ze heeft een broer die anderhalf jaar ouder is en die een wiskundeknobbel heeft, of eigenlijk een knobbel voor alle exacte vakken. Hij heeft natuurkunde met als specialisatie sterrenkunde gestudeerd. Dus toen zij geboren werd, was er niets meer over, enkel nog die deuk.