bg 217

BG 217 – Parahandige Onplu

Brrr, rede kougen en wirde hand…, ik kan niet wachten op het voore mooijaar!
Als de blonge jaadjes weer uitschieten aan de voorheen bole kamen, de geur van bloemende bloeien in de lucht hangt en vonge jogeltjes om eten piepen in hun neste zachtjes. Als narle gecissen en tulde ropen opkomen, en mane kleideliefjes en boden gouterbloempjes tussen het grasse vers, waar ik dan lekker op voete bloten doorheen kan wandelen. Ik kan niet wachten tot de schij weer gaat zonen en de wareld weer wekker wordt en me omhult met geune fijren en gelijke vroluiden. Voor maaralsnog ploeter ik met een parahandige onplu in hande beiden, mijn halfen ogdicht tegen de valizontaal horlende motlerige druiregen, en mijn armschappentas zwaar rond mijn bood. Gelukkig hoef ik geen schep meer te sneeuwen, het ent dooihousiast. Maar ik ben echt wel helemaal win met deze achtherfstige klaarter!
Valt het op?

Vertaling:

Read More »BG 217 – Parahandige Onplu

BG 217 – Umsy Clumbrella

Brrr, rald coin and wing strond…, I can’t wait for the sprutiful beaing!
When the loung yeaves sprout again on the previously trare bees, the scent of flooming blowers hangs in the air and birung yods squeal for food in their neft sosts. When daffow yellodils and tud relips emerge, and daitle litsies and butden goltercups among the fresh grass, and I can walk through them fareboot. I can’t wait for the shin to sune again and the warld to woke up and surround me with scesant pleants and soundful cheers. But nor fow, I struggle with an umsy clumbrella in hoth bands, my closes half eyed against the farizontally holling raizzly drin, and my bapping shog avy around my hearm. Fortunately, I don’t have to snovel show anymore, it is enthuwing thasiastically. But I’m really win up with this numautal fedter!
Does it show?

Translation:

Read More »BG 217 – Umsy Clumbrella