literatuur

BG 205 – Het zebrapad

Deze keer was De Maakster niet bezig aan haar dagelijkse wandeling door Rustig Belgisch Dorp, maar reed ze in haar auto door het centrum van een naburig dorp.
Schuin voor haar reed, op de daarvoor bedoelde baan, een vrouw op een fiets, met aan haar andere kant een kleutertje op een schattig klein fietsje. Terwijl De Maakster een zebrapad naderde, sloeg De Fietster pardoes linksaf dat zebrapad op, zonder eerst te stoppen en zonder om zich heen te kijken.

Gelukkig lette De Maakster goed op en kon ze vlak voor het zebrapad remmen, op ruime afstand van De Fietster. Die was enorm geschrokken, sprong van haar zadel en zette haar voeten aan weerszijden van haar fiets op de grond. Tegelijkertijd greep ze haar kindje bij de schouder om het te doen stoppen. Het jongetje, met een fietshelmpje op, schrok daar natuurlijk van, zette moeizaam een voetje op de grond en wankelde even, schuin op zijn zadel, voordat het zijn evenwicht hervond.

De Fietster keek De Maakster woedend aan en begon heel hard tegen haar te razen en te tieren. Wijzend over de lengte van het zebrapad riep ze ‘Dit is hier goddomme een zebrapad!’ …

Read More »BG 205 – Het zebrapad

BG 102 – Zinvol

Omdat je als je opstaat alsmaar langer, maar korter ook, op de stoel gezeten, dat je de dingen vanuit een hoger perspectief, maar vanuit een kleinere hoek, van omhoog, naar naar beneden, ja, twee keer naar, bekijkt, maar net niet ziet, omdat je als je opstaat en alsmaar langer wordt, blijft, blijft op dezelfde plaats; je kunt je voorstellen dat je neer, dat je naar beneden, of weer op de stoel misschien zelfs, maar echt niet te lang, en toen zei ze, want je moet nog, jij, vandaag, nog zoveel doen en bedenken, en toen zei ze, maar daarvoor heb je, dat je geen tijd hebt om op, nee néér, om op néér te zitten, maar je moet nu eigenlijk gaan, of te dalen, maar dat je vandaag, dat je nu, liever opdaalt dan neerstijgt.

BG 65 – Zinvol

Maakt ze zich groter en breder dan ze eigenlijk is, stapt ze zó dicht op de belediger af dat hij vergeet wat persoonlijke ruimte ook alweer betekent, pakt ze eindelijk het glas bier aan dat ze tot dan toe keer op keer geweigerd had, trekt het halfopenstaande witte overhemd van de jongeman onder zijn zwartleren jasje naar voren, en giet sierlijk de inhoud over zijn vrijwel onbehaarde borst, met een allervriendelijkste glimlach gevolgd door een stellig ‘ik zei NEE’.

BG 44 – Vallen

Tijdens haar dagelijkse wandeling door Rustig Belgisch Dorp lijken de bewoners vandaag spontaan te vallen zodra ze De Maakster zien. Dat kan natuurlijk toeval zijn. Het heeft niet gevroren, integendeel, het is zelfs warm voor de tijd van het jaar, maar de laatste restjes rottende bladeren op straat zijn door de regen van vannacht glibberig geworden.

Halverwege haar route, tussen de sportvelden aan de ene kant en het mountainbiketerrein aan de andere kant, ziet De Maakster in de verte een oudere man met zijn hond. De man zwaait plotseling met beide armen door de lucht en valt dan pardoes op zijn gat. De hond, een blonde labrador, staat er verbaasd bij te kijken. Als ze hem even later passeert en vraagt hoe het gaat – de man, niet zijn hond – …

Read More »BG 44 – Vallen

BG 22 – De Hondendans

Haar dagelijkse wandeling door Rustig Belgisch Dorp voert De Maakster over de Noensewegel, een smal, geasfalteerd pad voor fietsers en wandelaars. Met aan de linkerkant, bewust aan het oog onttrokken door groen, een stille begraafplaats en een iets minder stille instelling voor geestelijk gehandicapten, en aan de rechterkant, achter een slootje met hier en daar een knotwilg, weilanden die in de zomer om de beurt begraasd worden door een groepje koeien.

Vooruitgegaan door luid gekef, komt deze morgen uit tegenovergestelde richting een knappe jonge vrouw, …

Read More »BG 22 – De Hondendans

BG 16 – Doorzonwoning

Aan de overkant van de straat staat momenteel een open huis. Geen open huis in de gewone betekenis van het woord, maar meer een onbedoelde doorzonwoning.

De vroegere bewoners, een ouderwetse ongetrouwde zus en broer, die nog water pompten in hun keuken, de was op de hand deden, kookten op flessengas en geen bank met hun geld vertrouwden, zijn al lang vertrokken. De broer naar het hiernamaals en de zus, die nooit hun erf verliet, – stuurloos geworden in de mist zonder haar broer – naar een verzorgingstehuis.

De mensen ernaast hebben het huis gekocht, …

Read More »BG 16 – Doorzonwoning

BG 14 – Dat kun je wel

Mensen zeggen vaak ‘Ik kan niet tekenen’ of ‘Ik kan niet schrijven.’
Maar is dat wel waar?

Tenzij je een fysieke handicap hebt waardoor je niet in staat bent de punt van een pen of potlood over een stuk papier te bewegen, of het toetsenbord of de muis van een computer te gebruiken, kun je wel degelijk tekenen en schrijven!

Misschien stel je te hoge eisen aan jezelf …

Read More »BG 14 – Dat kun je wel

BG 12 – Balpen

We schrijven zwart. We schrijven ook allerlei andere kleuren, maar die zien er evenzogoed zwart uit.

’s Nachts lig ik in het donker te wachten op haar bureau. Dan is het stil en koud. Achter me staan de computer en printer ongebruikt te zwijgen. Ik herinner me het laatste woord dat we gisteravond schreven: bellen. De keuken is naast haar werkkamer en de tussendeur staat altijd open, omdat het hier anders overdag benauwd wordt. Daardoor kan ik de holle kunststof keukenklok de seconden horen aftikken, luider dan overdag. Een eenzame auto rubbert door de plassen over de kinderkopjes voor het huis. En zoals elke nacht lig ik geduldig te wachten.

Als de nieuwe dag begonnen is, …

Read More »BG 12 – Balpen

BG 1 – Zie hier mijn blog

Is het leven leuk? Natuurlijk! Dat beslis je zelf.
Jij beslist waarnaar je kijkt en luistert, jij beslist waar je je aandacht op richt.
Heb ik alle antwoorden? Welnee – ik rommel ook maar wat aan.
Maar dit weet ik wel: wie zich uitleeft in creativiteit heeft geen ruimte voor doemdenkerij.
Zie hier mijn blog.