schrijver

BG 136 – Muziek en Tijd

Eén van de redenen waarom wij mensen zo van muziek houden, is dat we daarmee grip krijgen op de tijd. De tijd die ons vaak een machteloos gevoel geeft, door meedogenloos voorbij te vliegen. Met muziek grijpen we hem vast, verbinden we hem aan tonen, aan ritmes en aan melodieën. We geven structuur aan de tijd en arrangeren die zo dat we ervan kunnen genieten. De basis van muziek is meestal een fundamenteel ritme, net als onze hartslag, of, op een grotere schaal, het komen en gaan van uren, dagen en seizoenen. Dat ritme, die variabele beat, dicteert het tempo en houdt de tijd voor ons bij. Juist omdat het leven zo vluchtig is, houden we van nature van patronen en herhalingen, van herkenbare ritmes en arrangementen en van onverwachte afwijkingen daarvan. Muziek heeft invloed op onze hartslag en maakt emoties bij ons los. We kunnen met behulp van muziek onze perceptie van de tijd beïnvloeden en die naar ons eigen genoegen vormgeven. En we kunnen, in tegenstelling tot de kloktijd, die alweer achter ons ligt voordat we ons van hem bewust zijn, muziek telkens opnieuw beleven wanneer we maar willen.

BG 105 – Kitty van Hamburg

Vorige week had hij nog met haar gebeld. Ze had opgewekt geklonken.
‘Nee, nee, nee, niet doen!’ had ze lachend geroepen.
‘Wat zegt u, tante?’
‘Ik had het tegen Kitty van Hamburg.’
‘Tegen wie?’
‘Mijn póés!,’ schaterde ze, ‘ik had het tegen mijn poes!’
‘Ah oké.’ Die verwende rotkat van haar…
‘Ze is er weer met mijn kraal vandoor, hahaa!’
Een beetje vreemd was ze altijd al geweest, zijn oudtante.

En nu was ze dus kwijt.
Vanmorgen was ze niet op haar gebruikelijke tijd een kopje koffie bij haar buren, het echtpaar Neus, komen drinken. Ze nam de telefoon niet op, de krant zat nog in de brievenbus, de achterdeur nog op slot en ze reageerde ook al niet op de deurbel.
Ach gutteguttegut.
Of hij niet even langs kon komen met de reservesleutel? …

Read More »BG 105 – Kitty van Hamburg

BG 102 – Zinvol

Omdat je als je opstaat alsmaar langer, maar korter ook, op de stoel gezeten, dat je de dingen vanuit een hoger perspectief, maar vanuit een kleinere hoek, van omhoog, naar naar beneden, ja, twee keer naar, bekijkt, maar net niet ziet, omdat je als je opstaat en alsmaar langer wordt, blijft, blijft op dezelfde plaats; je kunt je voorstellen dat je neer, dat je naar beneden, of weer op de stoel misschien zelfs, maar echt niet te lang, en toen zei ze, want je moet nog, jij, vandaag, nog zoveel doen en bedenken, en toen zei ze, maar daarvoor heb je, dat je geen tijd hebt om op, nee néér, om op néér te zitten, maar je moet nu eigenlijk gaan, of te dalen, maar dat je vandaag, dat je nu, liever opdaalt dan neerstijgt.

BG 94 – We zijn allemaal schrijvers

Eigenlijk zijn we allemaal schrijvers. We gebruiken allemaal taal om dingen die we meegemaakt hebben op een zo interessant mogelijke manier aan anderen te vertellen. Zelfs als dat wat we meemaakten – juist als dat wat we meemaakten – op zich niet zo interessant leek. We maken er met onze zelfgekozen woorden en zinnen een interessant verhaal van, om indruk op onze luisteraars te maken.
Er schuilt een woordkunstenaar in ieder van ons.

BG 65 – Zinvol

Maakt ze zich groter en breder dan ze eigenlijk is, stapt ze zó dicht op de belediger af dat hij vergeet wat persoonlijke ruimte ook alweer betekent, pakt ze eindelijk het glas bier aan dat ze tot dan toe keer op keer geweigerd had, trekt het halfopenstaande witte overhemd van de jongeman onder zijn zwartleren jasje naar voren, en giet sierlijk de inhoud over zijn vrijwel onbehaarde borst, met een allervriendelijkste glimlach gevolgd door een stellig ‘ik zei NEE’.

BG 52 – Schrijver (v/m/x)

Ik ben schrijver.
Ik ben ook kunstenaar, ontwerper en maker.

(Maar niet van beroep. Sinds het begin van dit millennium ben ik – vanwege hardnekkige gezondheidsproblemen – arbeidsongeschikt.)

Ik ben dus schrijver, als in de genderneutrale vorm van schrijfster.
En ook kunstenaar, ontwerper en maker, als in de genderneutrale vormen van kunstenares, ontwerpster en maakster.
Het woord schrijver mag van oudsher mannelijk zijn, maar dat betekent niet dat de schrijver zélf dat ook moet zijn.

Dat is anders bij bijvoorbeeld timmerman. Ik zou mezelf geen timmerman of, geforceerd, timmervrouw noemen, maar voor het neutrale timmeraar kiezen.

Bij het benoemen van mijn bezigheden lijkt het me niet van belang wat mijn sekse of gender is.
Ik noem mezelf dus geen schrijfster, tenzij in een context waarin het gewenst is onderscheid te maken tussen vrouwelijke, mannelijke en genderneutrale schrijvers.

BG 1 – Zie hier mijn blog

Is het leven leuk? Natuurlijk! Dat beslis je zelf.
Jij beslist waarnaar je kijkt en luistert, jij beslist waar je je aandacht op richt.
Heb ik alle antwoorden? Welnee – ik rommel ook maar wat aan.
Maar dit weet ik wel: wie zich uitleeft in creativiteit heeft geen ruimte voor doemdenkerij.
Zie hier mijn blog.