ultrakort verhaal

BG 132 – 100 Woorden Fictie

Rotboom met schijtvogels

Liggend op zijn rug, in het jonge gras, onder de krulhazelaar.
De takken bewegen sierlijk in de wind. De bladeren zijn frisgroen, de lucht erboven lichtblauw, de schapenwolkjes schattig wit.
Hij sluit het lawaai van de stad buiten, concentreert zich op het gekwetter van de vogels.
Eksters, ekster-vogels. Er zit elke dag een tweetal in de krulhazelaar.
Elke dag dezelfde? Hij weet het niet, hij kent ze niet uit elkaar.
Ze zal niet meer komen. Vandaag niet, morgen niet, heel de zomer niet.
Ze zal de ekster-vogels nooit meer met hem zien.
Godverdomme, precies in zijn oog!

BG 122 – Een thriller in 33 woorden

Zijn hart klopte snel en zweet prikte in zijn ogen.
Hij drukte zijn rug tegen de rotswand en hoorde het gesteente vallen.
Zijn schoenen vonden nog net houvast op het overgebleven stukje richel.

BG 79 – Een thriller in 33 woorden

Ze knipperde tegen het felle daglicht.
De arts kwam haar vertellen dat ze het ongeluk overleefd had. Ze had niets gebroken en mocht morgen al naar huis.
Een kussen blokkeerde opeens haar blikveld.