virtuele realiteit

BG 223 – Virtuele Realiteit

Virtuele realiteit, nu vrijwel exclusief gelinkt aan computers, door de razendsnel voortschrijdende automatisering, is in werkelijkheid zo oud als de mensheid. Virtueel betekent fictief, imaginair, ingebeeld – en daar heb je eigenlijk helemaal geen computer voor nodig. Toen we vuur hadden leren maken en onze verre voorouders elkaar voor het slapengaan verhalen vertelden over hun eigen belevenissen en dromen en die van hun voorouders, maakten zowel de vertellers als hun toehoorders gebruik van hun verbeelding, om voor zich te zien en zich in te leven in dat wat er met woorden overgebracht werd. In rituelen werden gezamenlijke gevoelens en onderlinge verbondenheid gevierd en verstevigd.

Vandaag de dag gebruiken we onze verbeelding vooral tijdens het lezen van boeken en verhalen. Terwijl we de gedrukte tekst tot ons nemen, creëren we daar in onze gedachten beelden, geuren, geluiden en andere sensaties bij. Recent is uit onderzoek gebleken dat de hersendelen die op een scan normaal oplichten bij bijvoorbeeld rennen, roepen, lachen, vriendschap en seksualiteit, ook oplichten als we daar enkel over lezen. Blijkbaar zijn we dus in staat om in onze verbeelding de dingen bijna echt te beleven. Jammer genoeg geldt dat voor steeds minder mensen.

Door de zich bliksemsnel ontwikkelende automatisering leven we tegenwoordig met ons lichaam nog in de natuurlijke wereld, maar met ons hoofd een groot deel van de tijd in de virtuele computerwereld. Onze telefoons en andere beeldschermen bieden ons een overvloed aan kant en klare, korte, snelle en verslavende prikkels, waardoor we ons niet meer voor langere tijd op iets kunnen concentreren. Natuurlijk is die nieuwe wereld heel aantrekkelijk, maar het is jammer dat we daardoor amper nog lezen. Want door boeken en verhalen te lezen en dus door onze verbeelding te gebruiken, leren we waardevolle vaardigheden die we nodig hebben in ons leven. Zoals: empathie, relativeren, niet-virtueel communiceren, opkomen voor onszelf, zorg voor onze leefomgeving, zelfzorg, tevredenheid, alleen kunnen zijn, creativiteit, kritisch denken, problemen oplossen en weerbaarheid.